Energy
News

Sustainable energy is the future. The city of Amsterdam has the ambition to provide every citizen with a solar panel in the next years. How do you contribute? Share your innovative initiatives on energy here.

Highlight from Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Wat vind jij? Verdient serious gaming een stevigere plek in het aanpakken van transities?

Featured image

Serious gaming is een mooi hulpmiddel voor samenwerking en
besluitvorming in de energietransitie. In de afgelopen jaren hebben we
voorbeelden gezien van spellen die complexe vragen begrijpelijk kunnen maken. Neem bijvoorbeeld de HEAT tool van Alliander, het WE-Energy spel van de Hanzehogeschool Groningen, de sustainability DNA game van de Ceuvel, het Klimaatspel Plan Zuid van de Gemeente Amsterdam en het participatiespel van de Hogeschool van Amsterdam. Stuk voor stuk interessante serious games die ingewikkelde processen van verduurzamingsopgaven eenvoudiger maken.

De Hogeschool van Amsterdam en Amsterdam Smart City zoeken samen hoe we de meerwaarde van serious gaming voor energieprojecten kunnen verhogen. Enerzijds omdat we ons afvragen of de potentie wel volledig wordt benut. Anderzijds omdat opvalt dat structurele toepassing, of op grotere schaal, uitblijft. De zoektocht staat nog ver aan het begin, maar we gaan graag met anderen hierover in gesprek. En daarom vragen we jou om met ons mee te denken.

Voor wie zijn serious games?
Serious games zijn er genoeg, maar ze verschillen in de inhoudelijke focus, schaalniveau en doelgroep. Sommigen gaan uitsluitend over energie, anderen ook om andere aspecten van gebiedsontwikkeling. Daarbinnen kan het gaan over een hele regio of een bepaalde buurt. Omdat de energietransitie gaat om multistakeholder samenwerking, hebben meerdere doelgroepen baat bij het spelen van een serious game over dit onderwerp. Denk aan beleidsmakers en (nuts)bedrijven, die bijvoorbeeld moeten samenwerken om een warmtenet te realiseren.

Een doelgroep die hier niet kan ontbreken is natuurlijk de bewoner. Voor hen lijkt de toegevoegde waarde van serious games nog wel het grootst. Juist vanwege de laagdrempeligheid van een serious game is het bij uitstek een middel om mensen te helpen complexe informatie te begrijpen. Hoe meer je speelt, hoe beter je het begrijpt. En het begrijpen van een onderwerp is een belangrijke voorwaarde om mee te kunnen denken, praten en besluiten over een onderwerp. Een belangrijke reden om dit soort spellen extra serieus te nemen. Bovendien biedt een spel de mogelijkheid om gelijkwaardig met elkaar in gesprek te gaan. Verschillen in sociaaleconomische status zijn eigenlijk niet van belang. Sterker nog, spellen bieden juist gelegenheid om in elkaars schoenen te staan. Het helpt om elkaars perspectieven te begrijpen, of je nu bij de gemeente werkt, bij een netbeheerder, een woningcorporatie, of je huurder bent of woningeigenaar. Zo zijn er nog wel meer voordelen te benoemen. Voordelen die ook kunnen gelden voor andere transities dan de energietransitie.

Kansen
In de praktijk lijken we deze voordelen niet voldoende te benutten. Serious gaming voor de energietransitie is weliswaar op verschillende plekken ontwikkeld, maar in beperkte mate, en niet structureel toegepast. Daar komt bij dat we er ook weinig van weten. Welke spelmechanismes werken en welke niet? Wanneer zet je zo’n spel het beste in? Bij het ophalen van ideeën, de daadwerkelijke besluitvorming, of ook in de evaluatie? Zijn er eigenlijk ook risico’s? Zijn er redenen om serious gaming absoluut niet te willen gebruiken in het energieneutraal maken van wijken?

En dan nu de vraag aan jou!
Om de zoektocht kracht bij te zetten vraag ik namens Amsterdam Smart City onze community om hulp. Hoe kijk jij aan tegen serious gaming als middel om te werken aan transitieopgaven? Zie je de toegevoegde waarde van zo’n game voor buurtparticipatie? En van welke voorbeelden zouden we moeten leren – of wellicht als netwerk moeten door ontwikkelen?

We zijn benieuwd naar je ervaringen! Laat je reactie achter in de comments!

Melchior Kanyemesha's picture #CircularCity
Joren Bassant, Journalist , posted

De deelstep komt eraan! Geofencing, dropzones en ‘eigenaarschap’ moeten hem temmen.

Featured image

Vanaf medio volgend jaar mogen elektrische deelsteps de Nederlandse weg op. Dat is leuk voor stepfanaten, maar gemeenten kijken met argusogen naar de ontwikkeling. Want in Europese steden zorgen de steps voor veel overlast. Welke middelen kan je als gemeente inzetten om rommelig geparkeerde stepjes en ongelukken te voorkomen?

#Mobility
Amsterdam Smart City, Connector of opportunities at Amsterdam Smart City, posted

Recap of Demo Day #12 - Energy meets Mobility

Featured image

We share a quick overview of the mobility and energy projects that are on the minds of our partners and community half way through 2021. In another successful Demo Day we glided from Smart Energy to the first MaaS app. We learned about Code the Streets and easier ways to get projects subsidiest after Corona.

Our demo days are part of a series and are intended for Amsterdam Smart City partners to present the progress of various innovation projects, ask for input, share dilemmas and involve other partners in projects. We give you a recap.

The bottlenecks of Smart Energy - Alienke Ramaker from Royal Haskoning DHV

We want Smart Energy and make use of it in a flexible matter. So it’s not a surprise that pilots and projects pop up to make charging more efficient. But for some reason these projects don’t grow. Tom van Loon from Royalhaskoning DHV (commissioned by TKI Urban Energy and RVO) not only presents the 5 bottlenecks with the help of 40 experts but also gives us action points. The next step is to make these points land. How can we do that?

Amaze - Edvard Hendriksen from Overmorgen/Arcadis

Amaze is the first Mobility as a Service (MaaS) app in the Netherlands. It gives you access to public transport, shared mobility (cars, bikes) and taxi’s with one app. To scale up employers need to be convinced so employees are easily triggered to make use of shared mobility. In September 500 companies will join the launch event. Do you know any employers that should join, or are you one? Let us know in the comments so we can connect you to Edvard.

Code the Streets – Sander Oudbier & Lilian Leermakers from AMS Institute

Creating an app that makes cities less busy and saver, that’s what CODE the Streets is doing. Our region keeps growing and the same goes for our streets, neighbourhood’s and cities so we constantly need to come up with smart ways to organize mobility. Lilian Leermakers explains that the streets of Amsterdam are coded and added to navigation software. This can be used to avoid small streets around schools for instance. They’re looking for 200 users in Amsterdam and Helsinki so they can gather good feedback. The pilot starts at the end of August. Would you like to be part of the test team?

Innovation partners - Eefje Smeulders from City of Amsterdam & Dave van Loon from Kennisland

To give the region an economic and sustainable transition boost, the city of Amsterdam has extra funds available. A chance for our network to get a subsidy for the plans they work on.

Dave van Loon from Kennisland is working on a Dutch subsidy request himself: “energietransitie als vliegwiel voor een leefbare buurt”. An area oriented plan in which co-creation will connect multiple transitions. The idea is to work together with all the parties that are involved; residents, government, companies, energy suppliers, housing corporations and knowledge institutions. The end goal would be a Fieldlab. Would you like to know more and work with Dave on this? Let us know in the comments and we’ll connect you.

Amsterdam Smart City's picture #Mobility
Herman van den Bosch, professor in management development , posted

Startups: Between the Curse of Becoming a Taker and the Prospect of Being a Maker

Featured image

For centuries, entrepreneurship was linked to art and craft and rewarded by personal fulfilment, satisfied customers, and a good life. The term entrepreneur is still associated with giving direction, shape and content to new activities based on personal motivation and skills and thereby creating socially approved value. A description that applies to the self-employed, business entrepreneurs, franchisees or intrapreneurs and includes both commercial, institutional, and artistic activities.
However, there are two problems. Overcoming them opens the way to become a better business.

The plunder of the earth

Nobel laureate Joseph Stiglitz has warned that the creative power of entrepreneurship can easily become destructive. A 'maker' becomes a 'taker' once creating value becomes making money in the first place. Indeed, for centuries, companies have robbed resources around the world, destroyed nature, traded millions of slaves and exploited domestic workers, creating the divide between rich and poor countries.
The creative power of entrepreneurship can also be aimed at sustainable prosperity, for their employees, the country, and the world. In that case, the “purpose” of a company precedes the pursuit of profit. Unfortunately, still a minority of all companies are moving in this direction while others pretending.

The decline of engagement and passion within the workforce

There is more. In developed countries, the blatant exploitation of labour has disappeared. Instead, the majority of employment relegates into low strain jobs. Research by Gallup and Deloite has shown over consecutive years that over 64% of all employees worldwide are not engaged or passionate. Find John Hagel explain this in a short video. The reason is clear. 20th century companies have organized their production according to principles of scalable efficiency and have top-down planning and control.  Room for initiative is therefore neither expected nor desired. Moreover, detailed protocols and regulations limit employment for people at a distance from the labour market.
In a rapidly changing world, companies must be adaptive and innovative. They therefore need flexible, interdisciplinary teams with a high degree of self-government and less pay differentials. According to recent research in 17 countries, this type of organizations (8%) outperforms in all respects.

Summarizing, to become a better business requires a double challenge:
·  Replacing the dominance of the pursuit of money with a social and environmental purpose.
·  Mobilizing the entrepreneurial and other capacities of their whole work force by forms of self-organization and shared leadership.

Why focussing on startups?

As only a limited number of companies meet these conditions, employees consider starting their own business. In the US alone, approximately two million workers give up well-paying jobs every year and become self-employed. 127,000 starters were registered in the Netherlands in 2018.  Of them, only a minority will become a startup, which means that they will successfully commercialize a promising technological innovation and grow rapidly on an international level.

Start-ups are potential engines of growth and innovation. In the US, their steady growth is compensating for job losses in the rest of the economy. Dutch startups created 20.000 of jobs in 2018 and 2019. A recent reportoffers excellent documentation of the identity, growth and potential of the 4,311 Dutch startups in 2019, most of which have fewer than 10 employees. 34% of Dutch startups can found in the Amsterdam metropolitan area.

The hope is that start-ups will rise to both challenges by nurturing their social and environmental purpose end fueling the commitment and passion of each employee, and thereby become a better business.

Yet, like any other businesses, startups risk becoming takers rather than makers, trading their social and environmental purpose for the pursuit of money and losing the engagement and passion of their employees. Fortunately, they can prevent this.

Eleven ways to become or stay a better business

1.  Embrace self-organization and shared leadership.
2.  Involve all employees in the continuous strengthening of the social and environmental purpose of the company.
3.  Enable all employees to become shareholders or even better co-owners.
4.  Cherish diversity within the employees.
5. Secure shares in a foundation while enabling shareholders to support the purpose of the company.
6.  Cap the profit to a level that guarantees the continuity of the company.
7.  Ban greed, cancel bonuses, or at most pay a limited and equal allowance to all employees.
8.  Place surplus profits in a foundation that spends money in accordance with the purpose of the company.
9.  Being a fair taxpayer who refrains from tax avoidance practices.
10.Create a supervisory board to monitor the purpose of the company.
11.Focus the founder/director/CEO role on monitoring the purpose of the company and the commitment of all employees and on fueling the discussion on how to deal with changing external conditions.

Rapid societal changes require a reinventing the concept of entrepreneurship. Because of their flexibility and commitment, startups are apt to embrace the dual ambition of pursuing a social and environmental purpose and of mobilizing all employee’s engagement and passion.

My next post will look at how cities can help start-ups to settle, grow and become better businesses. The history of entrepreneurship, its growing distance from ‘makership’ and its possible revival by start-ups is documented in chapter 4 of my e-book Humane cities. Always humane. Smart if helpful. The English version of this book can be downloaded for free below.

Herman van den Bosch's picture #CircularCity
Roel van der Heijden, Technology, physics and astronomy editor of NEMO Kennislink. at NEMO Kennislink, posted

Vervoer in 2050: zo duurzaam mogelijk

Featured image

Gaan we straks met de hyperloop op vakantie, stappen we in een personendrone, of is de (elektrische) fiets hét vervoersmiddel van de toekomst? In vier artikelen zoekt NEMO Kennislink-redacteur Roel van der Heijden op welke transportmanieren we moeten inzetten. Sparen we het milieu of willen we zo snel mogelijk overal ter wereld zijn? Sommige keuzes gaan ten koste van elkaar, maar niet altijd. We definiëren steeds een nieuwe einddoel. Het eerste deel is: hoe maken we vervoer zo duurzaam mogelijk?

De (elektrische) fiets is in dit toekomstscenario doorgebroken als hét vervoersmiddel voor alle afstanden onder de pakweg twintig kilometer. Hij blijkt niet te verslaan als het om duurzaamheid gaat. Ga je iets verder dan pak je de elektrische auto of trein. Voor de echt lange reizen gebruiken mensen het vliegtuig op grotendeels synthetische brandstoffen uit duurzame stroom.

Klinkt dit scenario verrassend ‘gewoon’? De fiets, de auto en het vliegtuig als de vervoersmiddelen van de toekomst? Waar zijn de drones en hyperloops? Uit een rondgang van NEMO Kennislink bij een aantal duurzaamheids- en vervoersonderzoekers blijkt dat we het daar wat betreft duurzaamheid niet van moeten hebben.

Lees het artikel hier. In vervolgdelen nemen we op een vergelijkbare manier de snelheid, betaalbaarheid en het delen van vervoer onder de loep.

(foto Petar Milošević via CC BY-SA 4.0)

Roel van der Heijden's picture #Mobility
Menno Rubbens, Director , posted

The building for the Temporary Courthouse in Amsterdam will be relocated to Enschede!

Featured image

Over the coming months, the building of the Temporary Courthouse Amsterdam will be dismantled and completely reassembled on 'Kennispark Twente' (the area of Business & Science Park/Campus UT) in Enschede. There, it will have a new function as an office and research facility.

The temporary accommodation provided the Amsterdam judiciary continuity during the construction of the new permanent court. Now that this new home has been completed, the building will move as planned. At the time, the Central Government Real Estate Agency (RVB) tendered the assignment as a Design, Build, Maintain & Remove contract, which was realized by dpcp, a cooperation between cepezedprojects and Du Prie Bouw & Ontwikkeling. cepezed and cepezedinterior designed the building and Du Prie took care of the execution.

National Sustainability Award Steel after completion
Importantly because of its high degree of circularity, it won both the Amsterdam Architecture Prize (Golden AAP) and the National Sustainability Award Steel after completion. Also, in the report 'Circular Buildings – a measurement method for detachability' it scores the highest of all tested projects. The demountable construction and floors, which cepezed designed in close collaboration with IMd Consulting Engineers, play an important role in this.

Dismantling and reassembly with a 3D model
Yesterday saw the handover of the key from the RVB to dpcp, which heralds the new phase of the building. For the relocation, dpcp called in the expertise and experience of Lagemaat from Heerde, a company with a solid background in the dismantling and reassembly of buildings. Through a unique coding based on the 3D model and a 3D scan, the precise position of each part is known. Smaller elements are transported in containers and larger ones, such as the walkway, are loaded directly onto trucks. Lagemaat processes materials that are not reused in other projects. A minimal amount will be recycled in a high-quality manner. The dismantling period starts today already. The building is expected to be taken into use by the Overijssel Restructuring Company in early 2022.

Note from ASC: Would you like to know more? Let Menno know in the comments.

Menno Rubbens's picture #CircularCity
Ananda Binkhorst, projectmedewerker at De Gezonde Stad, posted

Circulaire fashion wordt het nieuwe normaal!

Featured image

We leven in een tijdperk van 'fast fashion', waarin we vallen van de ene trend in de andere. We dragen een paar keer dat toffe jasje, waarna deze onderin de kast verdwijnt of zelfs wordt weggegooid. Monique Drent pakt deze symbolische 'klerezooi' aan met The Swapshop. In deze winkel lever je jouw kleding in, en kun je met je verdiende punten of 'swaps' weer een tweedehands outfit scoren!

Ik de Swapshop kun je jouw kleding inleveren en hier krijg je punten voor. In de winkel kun je met deze zogeheten ‘swaps’ en een klein bedrag aan servicekosten een ‘nieuwe’ tweedehands outfit scoren.

‘Je draagt bij aan het verkleinen van de afvalberg, je verlengt de levensduur en je hoeft minder te produceren. Het is win-win-win!'

Lees in ons interview met Monique wat zij doet voor een duurzaam Amsterdam en welke mooie samenwerkingen zij opzoekt!💚

Note van ASC: Wil je nog net iets meer weten? Laat het weten in de comments.

#CircularCity
Audrie van Veen, International Strategic Advisor at Amsterdam Economic Board, posted

Regional Green Deals presented at EU 100 Intelligent Cities Challenge and EU Blueprint for Local Green Deals published

Featured image

The Regional Green Deals of the Metropolitan Region Amsterdam were presented by Frank Weerwind, Mayor of Almere at the Mayor’s Summit of the 100 Intelligent Cities Challenge. Together with the Amsterdam Economic Board and Amsterdam Smart City, the Metropolitan Regio Amsterdam acts as a mentor region for the 100 European cities who participate in the challenge to work together on their ambitions for the digital and green transition.

For cities that want to work with their stakeholders on ambitious green deals the European Commission now published a practical guide titled Local Green Deals, A Blueprint for Action.

Find the speech by Mayor Weerwind below

22 June 2022

Honorable guests, ladies and gentlemen,

It is a great pleasure and honor to me to be invited to the Mayors’ Summit of the 100 Intelligent Cities Challenge,  and I am very excited to share with you some of my thoughts on the green and digital – or  twin – transition in the cities and regions of Europe. I also would like to express my gratitude to the European Commission and the Committee of the Regions for organizing this event on Green Deals and for launching the 100 Intelligent Cities Challenge. By doing this, you recognize the power of cities in the twin transition, you see the need for support for cities to make this transition happen and by this programme, you facilitate the network that cities can create.

My own city is Almere, a new town near Amsterdam and just 45 years old: it was created from scratch on reclaimed land from the sea, and is now a vibrant city with over 215.000 inhabitants. It is a city without ancient history and traditions, but a young city with a strong pioneering spirit, where there is space to experiment and to test innovative solutions in living labs. Our living lab approach has resulted in various circular and sustainable energy innovations in the city, for example: a smart thermal grid for the new Hortus neighborhood. The living lab approach has also led to the choice for Almere as the location for the World Expo on Horticulture in 2022, the Floriade, which will showcase innovations on greening, feeding, healthying and energizing cities, under the umbrella off Growing Green Cities.  The twin transition is evidently a core aspect in this event. I will take this opportunity to invite you all to visit the expo next year in Almere.

But this morning I represent not only Almere but the Metropolitan Region Amsterdam, a region consisting of 32 municipalities and two provinces. An economically strong region in Europe with a high quality of life, an international hub with a huge amount of talent, knowledge, innovation and businesses. The Metropolitan Region Amsterdam is one of the so-called mentors in this programme, because we believe in sharing our vision with other cities in terms of knowledge and innovation, but, please, let me assure you that our ‘success’ story has been established, due to knowledge and innovation coming from the cooperation between cities. My aim for now is to continue the dialogue with you on the issues that we are sharing together.

As many of your regions, our region, with an economy highly defined by tourism and services industries, was hit hard by COVID-19. Therefore, we decided at an early stage to investigate, together with knowledge institutions and the business sector, how we could aim for green recovery. We felt more was needed, besides the required regional energy strategies, investing in our energy backbones, which nowadays also include a hydrogen-infrastructure, and ongoing European energy transition projects such as Atelier. We asked the Amsterdam Economic Board to organise this investigation, since they act independently and aim for connecting the companies, research and education institutes and governments in our region. Facing such an unprecedented crisis, we did not want to do this as governments alone, but together with all relevant stakeholders. And, my fellow Mayors, that is a lesson I want to share with you: don’t do it alone.

Based on interactive stakeholder sessions and scenario-planning, we started a trajectory towards green recovery, resulting so far in 3 Regional Green Deals and with these deals, extra focus on skills for sustainable jobs. The Green Deals are: making the textile value chain circular, developing the region as a innovative bicycle hotspot and -for the Netherlands this is really innovative- increase the amount of new-build houses in timber to 20% of the total of new residential building activity.

As a result of those Local Green Deals, we invest faster and more effectively in the economy of today and tomorrow. The aim is to anticipate on changing jobs and the necessary skills, to fill existing and future vacancies and to achieve greater well-being and prosperity in the long term. And that is what we wish for the whole of the European Union.

To conclude, I would like to compliment you with your efforts in the 100 Intelligent Cities Challenge. And please feel free to take a closer look into the work of the Metropolitan Region Amsterdam and to learn, copy the elements that would benefit you, but also to bring your knowledge to us, for example via our online platform Amsterdam Smart City. That way, together we advance in the European twin transition. And move forward to the digital, inclusive and sustainable future of our cities.

Audrie van Veen's picture #CircularCity
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Hoe gaan we om met steeds hetere zomers?

Featured image

5 publicaties over hittebestendig inrichten van steden, met behulp van burgers

Van hitterecords in de laatste zomers tot uitgedroogde parken. De effecten van de opwarming van het klimaat worden steeds beter zichtbaar. Vanaf 2020 zijn Nederlandse gemeenten aan zet om straten en wijken te toetsen en in te richten op hittebestendigheid (Deltaprogramma, 2018). En ook de burger wil er graag de vinger op leggen. Wat kunnen zij samen bereiken? Lees voor inspiratie 5 publicaties van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) over hittebestendig inrichten van steden en woningen.

Een koele kijk op de inrichting van de buitenruimte

De hete zomers maken het leven in de stad steeds vaker onaangenaam en hebben gevolgen voor vele aspecten van ons leven. De HvA schreef samen met partners een adviesrapport om het dagelijks leven buitenshuis tijdens hete dagen te verbeteren. Van hittekaarten en interactieve mindmaps om de hitteopgave van de stad zichtbaar te maken, tot concrete ontwerprichtlijnen die gemeenten en professionals in wijken en straten kunnen inzetten. Lees over een koele kijk op de inrichting van de buitenruimte.

Hitteproef in woningen

Wat is de koelbehoefte van woningen en welke factoren zijn van invloed op oververhitting binnenshuis? Tijdens de hittegolf van 2020 zijn metingen verricht naar de ontwikkeling van de binnentemperatuur in 11 woningen verspreid over 5 locaties (Groningen en Amsterdam). Bewoners is gevraagd gedurende de metingen een handelingsdagboek bij te houden om inzicht te krijgen in het effect van bijvoorbeeld het sluiten van zonwering of openen van een raam; overdag en ‘s avonds. Hoe ervaart de bewoner hitte in huis? Lees over de resultaten van koelbehoeften in woningen.

Praktijkonderzoek hitterichtlijnen

De HvA ontwikkelde in de zomer van 2020 drie ontwerprichtlijnen voor een hittebestendige inrichting van de buitenruimte, met concrete grenswaarden. Zoals: 300 meter tot een koele plek, of 40 % schaduw op loopgebieden. In dit onderzoek zijn de richtlijnen in de praktijk onderzocht door metingen, interviews, foto’s en GIS-analyse te combineren. Voor elke van de richtlijnen worden de methode, resultaten en aanbevelingen beschreven, zodat de aanpak eenvoudig opschaalbaar is naar andere gemeenten. Lees wat dit voor jouw gemeente kan betekenen.

‘Meet je stad!’

Om te zien wat de temperaturen zijn in eigen stad, wijk en achtertuin, plaatsten deelnemers van het burgerwetenschapsproject ‘Meet je stad!’ zelf ontworpen meetkastjes met daarin temperatuursensoren. In Amersfoort leidde een samenwerking tussen burgers en professionals tot een completer beeld van het hitteprobleem in de stad en de aanpassingen die nodig zijn. Informatie uit de haarvaten van de stad wordt hiermee toegevoegd aan bestaande kennis. Lees over de temperatuurgegevens in de zomer van 2018, van in totaal 148 meetkastjes verspreid door Amersfoort.

Meetmethodes voor een Cool Town

In het Europese project Cool Towns werken regio’s, gemeenten, bedrijven en universiteiten samen aan het in kaart brengen van ruimtelijke, economische en leefbaarheidsconsequenties van hittestress. Net als het monitoren van klimaatadaptatiemaatregelen en de implementatiekansen in beleid. Op basis van meetervaringen van 2 jaar veldonderzoek in 4 Europese landen is recent het gestandaardiseerde Cool Towns Heat Stress Measurement Protocol ontwikkeld. Middels 3 methodes kunnen beleidsmakers, ontwerpers en adviseurs zelf het ervaren thermische comfort van hun buitenruimtes in kaart brengen voor een gedegen kosten-batenafweging van hittestressmaatregelen. Dit zijn de 3 meetmethodes.

Transitiethema Designing Future Cities

De publicaties vallen onder lectoraat Water in en om de stad van transitiethema Designing Future Cities. Designing Future Cities werkt aan ontwerpoplossingen voor onze steden opdat deze toekomstbestendig zijn. De focus ligt op klimaatbestendigheid, circulaire bouw en leefbaarheid van de stad. Een integrale aanpak staat centraal, om verbinding te maken tussen deze en andere opgaven. Het is één van de vier onderzoeksthema’s van Centre of Expertise Urban Technology.

Jochem Kootstra's picture #Citizens&Living
Adriaan van Eck, Implementing IoT & Smart Energy , posted

Alle sprekers bekend van de Smart Energy Community morgen (dinsdag 8 juni)

Featured image

Beste allen,

Jullie hadden nog een update tegoed, aangaande het panel dat morgen discussieert in de laatste editie van de Smart Energy Community van dit seizoen.

We gaan met deze 3 experts in op de toekomstverwachtingen voor slimme energiediensten:
- George Trienekens van TenneT,
- Marten van der Laan van Hanzehogeschool,
- Michel Muurmans van Eneco

Het hele programma kunt u hier vinden:
https://www.smartenergycommunity.nl/webinar8juni2021

Adriaan van Eck's picture #Energy
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Zoncoalitie - Altijd de beste keuze

Featured image

Wat eind 2015 begon als een ambitieus initiatief vanuit Amsterdam Smart City, groeide uit tot een volwaardige en professionele organisatie dat nu alweer enkele jaren op eigen benen staat. Een mooi resultaat uit een jarenlange samenwerking met tientallen partijen, waaronder Alliander, de Gemeente Amsterdam, Tertium en natuurlijk de Zoncoalitie-leden zelf! Super gaaf om te zien hoe ver ze zijn gekomen. Mede dankzij de Zoncoalitie wordt het steeds makkelijker voor vastgoedeigenaren en gemeenten om zonnestroom van daken te krijgen.

Benieuwd waarom ik er over begin? De Zoncoalitie heeft een nieuwe bedrijfsvideo gelanceerd.
Klik hier om het te bekijken!

Melchior Kanyemesha's picture #Energy
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

De HvA realiseert energiepositieve wijken door Europa

Featured image

Anderhalf jaar geleden kreeg Amsterdam een Europese subsidie voor het realiseren van een energiepositieve wijk (‘positive energy district’, ofwel PED) in hun stad. De Buiksloterham PED werd geboren. Onder leiding van Centres of Expertise Urban Technology (CoE Urban Tech) en Urban Governance and Social Innovation (CoE UGSI) van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) werken onderzoekers vijf jaar lang aan deze nieuwe buurt, waar het energieverbruik gedekt moet worden door duurzame energie opgewekt in de buurt zelf. Waar staan we nu binnen dit Europese project, genaamd ATELIER, en welke kennis is er al opgedaan voor Europees belang?

Terwijl in Buiksloterham in Amsterdam-Noord de eerste steen is gelegd, zijn HvA-onderzoekers bezig met verschillende activiteiten in het project. De onderzoekers van CoE UGSI werken aan het vormgeven van het concept ‘energy citizenship’ en zullen de toekomstige bewoners van de PED betrekken in het onderzoek. Ook is een start gemaakt met het opzetten van PED Innovatieateliers binnen acht samenwerkende steden, verspreid over Europa. Elke stad richt een lokaal PED Innovatieatelier op voor de wijk. Dit lokale innovatie-ecosysteem tast samen de slimme oplossingen af op de lokale situatie, en het evalueert en ondersteunt de implementatie om het gebruik van PEDs in de stad te versnellen.

Next level samenwerken

Vanuit het perspectief van CoE UGSI, waar ze al veel ervaring hebben met multidisciplinair werken, is ATELIER next level samenwerken, vertelt Marije Poel, onderzoeker bij CoE UGSI. ‘Je ziet dat we echt goed van elkaar moeten begrijpen welke aspecten van een PED met elkaar te maken hebben en waarom: wat hebben bewoners nodig om straks te wonen in een energiepositieve wijk, zijn er technologische innovaties die vragen om nieuwe vaardigheden of kennis en gedrag van bewoners, en zal dit andere duurzamere gewoontes stimuleren? We weten nu na 1,5 jaar nog beter wat we vanuit de meer sociale kant willen en kunnen onderzoeken, en hoe dat ingrijpt op het gehele project. En daarmee ook hoe we het project straks willen evalueren op sociaal maatschappelijke impact.’

CoE Urban Tech richt zich onder andere op de impact-assessment door modellering van het energiesysteem. Zijn de PED-demonstratieprojecten echt energiepositief? Renée Heller, Lector Energie en Innovatie: ‘Wij werken aan de modellering van de Amsterdamse pilot en zijn complexe context. Daarnaast onderzoeken wij mogelijke toekomstige optimalisaties. Met studenten van onze minor Energiepositieve stad hebben we de eerste ideeën verkend over PEDs voor andere delen van Amsterdam-Noord waar geen ‘greenfield’ is (bij greenfield-projecten begin je met een volledig onontwikkeld gebied). De uitdaging is om het concept op te schalen naar zowel ‘brownfield’-situaties (gebieden die al enige ontwikkelingen hebben doorgemaakt) als andere steden.’

Europese samenwerking

Amsterdam werkt nauw samen met de Spaanse stad Bilbao (Lighthouse Cities), waar een vergelijkbare wijk als Buiksloterham wordt gebouwd. De andere betrokken steden (Fellow Cities) zijn Bratislava, Boedapest, Kopenhagen, Krakau, Matosinhos en Riga. Zij gaan later met de opgedane kennis en ervaring aan de slag, omtrent de ontwikkelde innovaties en technieken. Sara Rueda Raya (FME ) organiseert deze samenwerking: ‘De Fellow Cities zetten zich hard in voor het project; elke betrokken stad was aanwezig bij de eerste twee peer2peer-sessies. Het is echter moeilijk om sommige steden actief te laten deelnemen aan discussies en gesprekken. Ik voel enige afstand tussen bepaalde steden, wat te maken kan hebben met de taalbarrière. We moeten daarom verder werken aan community-building.’

Studenten betrokken en trainingen in ontwikkeling

De komende tijd ondersteunen studenten van de Universiteit van Utrecht het ATELIER-team door middel van een student consultancy-project over de PED Innovatieateliers. Daarnaast zijn er ook seminars en trainingen in ontwikkeling die aan de Fellow Cities gegeven zullen worden. Tenslotte is de HvA ook verantwoordelijk voor de evaluatie van de activiteiten en het project als geheel.

ATELIER is met haar inhoudelijke en organisatorische complexiteit en multidisciplinariteit een grote uitdaging, vertelt projectleider Mark van Wees. ‘Zeker omdat we als HvA overal de innovatie opzoeken. Soms denk ik dat we teveel hooi op onze vork nemen, maar meestal ben ik erg tevreden over het enthousiasme van ons HvA-team en de inbreng die we daarmee in het project hebben. De komende periode moeten we het ook echt gaan waarmaken.’

Meer informatie

Bij CoE Urban Tech zijn Renée Heller, Karen Williams, Rick Wolbertus, Viktoria Balla-Kamper, Shakila Dhauntal, en Mark van Wees betrokken. Het CoE UGSI-team bestaat uit Marije Poel, Beatriz Pineda Revilla, Loes Cremers, Stan Majoor, Willem van Winden, en Sara Rueda Raya.

Jochem Kootstra's picture #Energy
Amsterdam Smart City, Connector of opportunities at Amsterdam Smart City, posted

DRIFT and Amsterdam Smart City find each other in partnership

Featured image

Research institute DRIFT, the Amsterdam Economic Board and Amsterdam Smart City have been working together for some time now. So it only seemed logical to make this union structural.

DRIFT develops and shares transition knowledge with innovative methods and academic training sessions and gets involved in the public debate. ‘Both at DRIFT and within the network of Amsterdam Smart City, we see opportunities and the necessity to change towards a sustainable society. We are happy to enrich this network with our specific knowledge and experience. But also to learn how to shape these kind of new collaborations. The open, learning approach really appeals to us,’ says Gijs Diercks, senior researcher and advisor at DRIFT.

Leonie van de Beuken: 'We are very happy that DRIFT is structurally committed to the Amsterdam Smart City network. We share a passion for empowering others to actively engage in transitions. From residents to entrepreneurs to governments. This way we can achieve tangible results. The knowledge and experience that DRIFT brings in this area is a wonderful addition to our network.'

Wicked Problems; the underlying barriers within transitions

For some time DRIFT has already been part of the team with partners that is developing an approach to tackle so-called 'wicked problems' better together. An approach aimed at revealing and breaking down underlying barriers within transitions. We use new methods for this and connect what we encounter in the implementation with the strategic level.

Picture credit: Edwin Weers

Amsterdam Smart City's picture #CircularCity
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Klimaatkamer maakt onderzoek mogelijk bij -20 tot +60 graden

Featured image

HvA beschikt over een hands-on faciliteit voor praktijkgericht onderzoek naar materiaaleigenschappen

De eerste onderzoeks- en onderwijsactiviteiten zijn gestart in de nieuwe klimaatkamer van de Hogeschool van Amsterdam (HvA). In deze faciliteit kunnen studenten en docenten materialen testen onder extreme klimaatomstandigheden, zoals isolatiepanelen van zeewier en speciale straatstenen. Zo komen zij meer te weten over bijvoorbeeld het verouderingsproces en de thermische eigenschappen. ‘Wij konden onderzoek doen tijdens zeldzaam warme dagen zonder daar een hele zomer op te hoeven wachten.’

Nog nooit gehoord van een klimaatkamer? ‘Denk aan een grote vriescel die je ook kunt verwarmen’, legt beheerder Dirk Hekman uit. ‘Onze kamer van de HvA, Faculteit Techniek, is twee bij drie meter groot. De temperatuur gaat van – 20 tot + 60 graden. Ook de luchtvochtigheid is in te stellen. In de kamer past apparatuur voor proefopstellingen. Studenten en HvA-medewerkers kunnen er eigenschappen testen van systemen en materialen onder verschillende weersomstandigheden. Denk bij dat laatste bijvoorbeeld aan vormbehoud, rendement en slijtage.’

Next level experimenten

De eerste studenten en onderzoekers hebben de klimaatkamer inmiddels in gebruik genomen. Zoals een groep afstudeerders van de opleiding Built Environment. Zij onderzoeken de technische kwaliteiten van ecologische bouwmaterialen. Wat is de isolerende werking van een zeewierpaneel? Dirk Hekman: ‘Next level is dat we proeven gaan combineren. Door bijvoorbeeld brandstofcellen in de klimaatkamer te plaatsen zodat we kunnen experimenteren met deze technologie onder verschillende omstandigheden. Zo is bij de waterstofauto van Clean Mobility van de Faculteit Techniek gebleken dat prestaties teruglopen bij hoge temperaturen. De klimaatkamer biedt de mogelijkheid dit verder te onderzoeken.’


Onderzoek met zeewier-isolatieplaten in de klimaatkamer.

Onderzoek naar de ZOAK

Onderzoekers van Centre of Expertise Urban Technology onderzochten met student Tim Friso Lodewijk (Minor Klimaatbestendige stad) en ondernemer Rob Alards van TilesystemX (productiebedrijf klimaat adaptieve oplossingen) de eigenschappen van een waterdoorlaatbare klinker, de ZOAK. ‘Dit nieuw ontwikkeld hybride systeem kan regenwater opslaan wat verkoelend werkt tijdens warme periodes’, aldus Alards. De proefopstelling in de klimaatkamer moest bewijzen of dit ook echt zo werkt.

Student Lodewijk: ‘We hebben in de klimaatkamer bekeken hoe de klinker voor verkoeling kan zorgen tijdens warme dagen/nachten en wat verschillende luchtvochtigheden met het verdampingsproces doen. Het opstellen ging goed, alleen hadden we extra tijd nodig omdat er dingen fout gingen. Dus een tip is om eerst de hele opstelling al een keer te testen voor je deze opbouwt in de klimaatkamer. Dan haal je direct de juiste informatie en data op.’


De klimaatkamer in gebruik door studenten.

Toegepaste techniek

De klimaatkamer is geselecteerd door de studio Straat van de Toekomst van de Faculteit Techniek. Voormalig kwartiermaker van de studio, Bart Kramer-Segers: ‘Het is een mooi voorbeeld van toegepaste techniek. De kamer biedt hands-on faciliteiten die goed passen bij het praktijkgerichte onderzoek van hbo’s. Er zijn verschillende soorten klimaatkamers, van klein en eenvoudig tot high-end. Wij wilden een breed inzetbaar instapmodel om te leren ‘klimaatkameren’. ’

Interesse in de klimaatkamer?

De klimaatkamer is beschikbaar voor studenten, onderzoekers en docenten. Neem voor informatie over de voorwaarden, mogelijkheden en planning contact op met Dirk Hekman: d.i.hekman@hva.nl

Meer informatie:

Jochem Kootstra's picture #CircularCity
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Datacentra-restwarmte voor de buren

Featured image

De eindresultaten van twee jaar onderzoek naar het gebruik van datacentra-restwarmte in een collectief warmte- en koudenet in mixed-use gebied Amstel III.

Een transformatie van bedrijventerrein naar woon-werkgebied met recreatieve functies, Amstel III in Amsterdam Zuidoost is een gebied volop in beweging. En met een extra opgave: de gebouwen moeten voor hun verwarming op den duur volledig van het gas af. De Hogeschool van Amsterdam (HvA) onderzocht binnen project RiRa: Amstel III de technische mogelijkheden voor gebruik van restwarmte van datacentra als duurzaam alternatief. ‘Maar andere factoren zoals samenwerking en economische levensvatbaarheid zijn net zo belangrijk om verduurzaming in transitiegebieden te laten slagen’, aldus projectmanager Felia Boerwinkel. Na ruim twee jaar onderzoek presenteert zij de eindresultaten.

Een terrein dat een metamorfose ondergaat zoals Amstel III lijkt een uitgelezen kans om op gebiedsniveau te verduurzamen en CO2-uitstoot te verlagen. Maar zulke transitiegebieden moeten niet verward worden met nieuwbouw, vertelt Boerwinkel. ‘Bij nieuwbouw begin je als het ware met een schone lei, in een transitiegebied heb je te maken met al bestaande vastgoedeigenaren, huurders, nutsbedrijven en exploitanten van energienetwerken die je moet betrekken bij ontwikkelingen en beslissingen. Verduurzamen is geen lineair technisch proces, maar een complexe knoop van belangen met constant schuivende panelen. Een gebied in transitie vraagt om een aanpak die voortdurend kan en zelfs moet veranderen.’

Dynamisch en duurzaam transformeren

De HvA ging in gesprek met de stakeholders in Amstel III om de behoeften en wensen per stakeholder in kaart te brengen en te kijken waar partijen elkaar kunnen vinden. Met als doel: een methode voor het realiseren van een collectief warmte- en koudenet. De HvA ontwikkelde samen met partners Equinix, Huygen, Greenvis, Villa Ville en Escoplan een gedragen aanpak om restwarmte van de datacentra van Equinix te benutten bij verwarming van gebouwen in Amstel III. Een methode die aardgas als energiebron verleden tijd maakt.

De techniek | Lage temperatuurwarmte van datacentra

Een datacenter kan lage temperatuurwarmte leveren aan een groot aantal gebouwen. Het temperatuurniveau is met rond de 30c een goede brontemperatuur voor een warmtepomp die de warmte heel efficiënt opwaardeert naar 40c. Hiermee kunnen goed geïsoleerde gebouwen van warmte worden voorzien. Voor warm tapwater naar woningen zal de temperatuur nog wat hoger worden gemaakt. In combinatie met warmte- en koudeopslag in de bodem kan daarnaast ook koeling worden geleverd. Dat is nodig en wordt steeds vaker gebruikt in woningen, vanwege de inmiddels veel voorkomende hittegolven door klimaatverandering.

Extra voordeel: het warmtenet koppelt gebouwen aan elkaar, waardoor je de behoeften van het ene gebouw en het andere kan balanceren. Dan is een gebouw niet alleen afnemer van warmte, maar met zijn restproduct ook leverancier van koude. Tevens kan je pieken afvlakken, omdat niet elke gebruiker op hetzelfde moment op de dag tapwater nodig heeft. ‘Dat noemen we een smart grid, en moet je technisch en contractueel heel goed zien te regelen, zegt Renée Heller, lector Energie en innovatie aan de HvA. ‘Denk aan energy management systems, het ICT-systeem dat de energiestromen meet en regelt, zodat alle gebouwen de juiste warmte en koude krijgen.’

De techniek laten slagen in Amstel III vraagt om enige flexibiliteit, vertelt Boerwinkel. ‘Eerst zouden gebouwen gerenoveerd worden, daarna werd toch gekozen voor grootschalige transformatie met sloop-nieuwbouw. Dat veranderde een deel van de focus in het onderzoek, dat zich in eerste aanzet grotendeels op maatregelen voor retrofit zou richten. En niet alleen het gebied blijft zich continu ontwikkelen, hetzelfde geldt voor de belangen van stakeholders en externe randvoorwaarden zoals wet- en regelgeving.’

Toch is een gedragen aanpak mogelijk wanneer je beslissingsprocessen gedurende de gebiedsontwikkeling kan vergemakkelijken voor alle belanghebbenden. Zo heeft het team tools ontworpen die helpen bij de keuze voor technische oplossingen, organisatorische ontwerpkeuzes en passende businessmodellen in het kader van lokale collectieve verduurzaming. Boerwinkel: ‘De tools zijn te gebruiken in vergelijkbare transitiegebieden die collectieve oplossingen met lokale bronnen willen realiseren. De RiRa-aanpak is uiteraard niet één op één vertaalbaar naar andere projecten, maar de tools maken complexe processen wel navigeerbaar.’

Eindpublicatie

De inzichten en aanbevelingen van het project zijn gedeeld in de eindpublicatie RiRa – benutten datacenter restwarmte: casus Amstel III. De projectoutput is gericht aan potentiële initiatiefnemers in een collectief warmtesysteem: gemeenten, vastgoedeigenaren, projectontwikkelaars, netbeheerders, warmteleveranciers, adviseurs en coöperaties. Belangrijk is om met de stakeholders in gesprek te blijven gaan wanneer een gebied in ontwikkeling is, sluit Boerwinkel af. ‘Als iedereen op eigen houtje gaat verduurzamen, gaan we onze klimaatdoelstellingen niet halen; zo benutten we niet alle duurzame bronnen. Collectief kan je veel meer bereiken.’

Eindpublicatie:

RiRa – benutten datacenter restwarmte: casus Amstel III

Tools:

Afwegingskader
Afstemming warmtenet en vastgoed
Organisatie ontwerp bij open warmtenetten

Transitiethema Energy Transition

Project RiRa Amstel III is onderdeel van transitiethema Energy Transition van Centre of Expertise Urban Technology. Van slim laden tot duurzame opwekking van energie, databeheer en het opleiden van de ‘21st century engineer’, onderzoek binnen dit thema betreft het ontwerpen van technische interventies, met oog op organsiatorische, maatschappelijke en economische ontwikkelingen en impact. Het is één van de vier onderzoeksthema’s van Centre of Expertise Urban Technology.

Jochem Kootstra's picture #Energy
Sanne van Kempen, Marketing & Communications Specialist at Spectral, posted

Verbeterde energie-efficiëntie in kantoren door Merin & Spectral

Featured image

Sinds september 2018 werken vastgoedbelegger Merin en techbedrijf Spectral samen om de huurders van Merin een hoger comfortniveau te bieden tot een verbeterde energie-efficiëntie te komen. De pilotfase ging zo goed - huurders ervaren een beter klimaat en er werd 40% minder gas en 15% minder elektriciteit verbruikt - dat de twee partijen hun samenwerking nu opschalen naar 17 gebouwen.

Comfort is cruciaal
Het verminderen van de CO₂-uitstoot door kantoorgebouwen is een cruciaal onderdeel van de duurzaamheidsdoelstellingen van Merin. De grootste prioriteit is ervoor te zorgen dat het comfort van huurders tijdens dit proces wordt gehandhaafd. Door het plaatsen van extra sensoren die onder andere temperatuur en CO₂ meten, wordt het comfort in het hele gebouw gemonitord. Op basis van die data stuurt de software de klimaatinstallaties actief aan.

Hoe wordt er zoveel bespaard en waardoor wordt het comfort verhoogd?
Door het overnemen van de aansturing van de installaties met de active control-module. Slimme algoritmes optimaliseren het klimaat en voorkomen energieverspilling omdat gas- en elektriciteitsverbruik efficiënter worden. In het Smart Building Platform (SBP) van Spectral komen de beschikbare data(bronnen) van de gebouwen samen. Het platform biedt inzicht in de (duurzaamheids)prestaties voor gebouweigenaren. De software verrijkt die verbruiksdata met weersvoorspellingen, de bezettingsgraad en andere input. Met al deze data stuurt het platform de installaties in de gebouwen op een slimme manier aan en bespaart het elektriciteit en gas zonder kostbare ingrepen. Lees meer..

Sanne van Kempen's picture #Energy
Herman van den Bosch, professor in management development , posted

11 building blocks for the transition to sustainable energy

Featured image

In five consecutive blog posts, I have explored the opportunities and risks in the energy transition of carbon capturing and storage (CCS), biomass, geothermal energy, hydrogen, and nuclear energy, in addition to solar and wind. Find my conclusions below:

1. Sun and wind energy
I will feel most comfortable in a world deploying energy provided by sun and wind to reduce greenhouse gas emissions. This implies a huge transition, which, also brings significant benefits for an emerging sustainable economy.

2. Nuclear energy plants
Instead of opting for an expensive third-generation nuclear power plants, we better invest in the development of fourth generation nuclear energy plants, such as Thorium, or molten salt reactors. Their waste is limited, and they are inherently safe. These reactors could potentially replace outdated wind turbines and solar panels from 2040.

3. Using less
We must also continue using less energy, without undue expectations. After all, clean energy can potentially be abundantly available in the long term, although this is particularly relevant for developing countries.

4. Hydrogen energy
In addition to the use of solar and wind energy, I am opting for hydrogen. It will be used for heavy industry, to level discrepancies in the supply and demand of energy and as an additional provision for heating buildings and houses. The presence of a high-quality gas network is easing this choice. In addition, we use residual heat, biomass of reliable origin and we exploit geothermal energy where its long-term availability is assured.

5. Energy from the desert
By no means we are producing all necessary hydrogen gas ourselves. The expectation is realistic that after 2030 it will be produced in deserts and transported from there at a competitive price.

6. Wind turbines and solar panels
The North Sea and the IJsselmeer will become the most important places for the extraction of wind energy. Besides, solar panels are installed on roofs wherever possible. We care for our landscape and therefore critically consider places where ground-based solar panels can be installed and where wind turbines are not disturbing. Part of the wind energy is converted into hydrogen on site.

7. Capture and store CO2
It could easily last until 2040 before the import and production of hydrogen meets our needs. Therefore, we must continue to use (imported) gas for quite some time.  To prevent greenhouse gas emission, significant capacity to capture and store CO2 must be in place.

8. Gas and coal
Given the availability of temporary underground storage of CO2, premature shutting down our super-efficient gas and coal-fired power stations it is unnecessary capital destruction. They can remain in operation until the facilities for solar and wind energy generation are at the desired level and sufficient hydrogen gas is available.

9. Local energy
Energy co-operations facilitate the local use of locally produced energy, thus enabling lower prices, and limiting the expansion of the electricity grid. To this end, private and neighborhood storage of electricity is provided.

10. Biomass
Reliably collected biomass is deployed as raw material for the biochemical industry in the first place and can further be used for additional fueling of coal and gas-powered stations (with CO2 capture) and as local energy source for medium temperature district heating networks.

11. Take some time
Finally, we must take enough time to choose the best way to heat buildings and houses at neighborhood level. Getting off gas prematurely can induce wrong choices in the longer term. A gradual phasing out of gas heating will enable us to wait longer for the moment when hydrogen (gas) is available to replace the natural gas in neighborhoods where it is the best solution.

Herman van den Bosch's picture #Energy
Herman van den Bosch, professor in management development , posted

Meet the five stepdaughters of the energy transition

Featured image

Last months, I wrote short essays about controversial aspects of the energy transition: geo-engineering (CCS included), biomass, geothermal energy, hydrogen and nuclear power (in Dutch). With these articles I tried to clarify my thoughts and to share my conclusions with others.  At the end of the fifth article, I arrived at a - provisional - conclusion in 11 short phrases.  I wonder whether you agree....

Herman van den Bosch's picture #Energy
Ananda Binkhorst, projectmedewerker at De Gezonde Stad, posted

How green, healthy & sustainable were we really in 2020?

Featured image

In Amsterdam, a city committed to becoming healthier and more sustainable for its citizens and visitors, we have witnessed a greater sense of togetherness, connectivity and a collective transition towards the sustainable city. This is one of the findings in the latest Monitor report, De Monitor 2020, published by De Gezonde Stad.

In the last year, the global pandemic has challenged our daily routines, our mental and physical well being, our freedom of movement and the ways we interact with our local environment. Every year De Gezonde Stad (The Healthy City) collects the latest facts and figures on Amsterdam’s:

• Green spaces
• Air quality
• Energy use
• Waste production
• Food consumption

These five pillars help its citizens understand how close (or far) we are to a healthy and sustainable Amsterdam. Reflecting on these pillars in the Monitor report, we also learn about the initiatives, achievements and developments blooming across the city, and feel inspired  to take action.

So how green, healthy and sustainable were we really in 2020? What was the influence of Covid on the five pillars and what can we do to help Amsterdam’s transition towards sustainability? Using the findings from De Monitor 2020, this blog posts some highlights. And to make it easy, we'll also add these findings in Dutch.

#Citizens&Living
AMS Institute, Re-inventing the city (urban innovation) at AMS Institute, posted

Energy Lab Zuidoost | Pakhuis de Zwijger recording

Featured image

The City of Amsterdam aims to be a climate-neutral city by 2050 and to generate as much clean energy as possible on its territory. The Zuidoost district of Amsterdam wants to achieve this ambition as early as 2040.

The development of Amsterdam Zuidoost offers opportunities to combine sustainability with social improvement. For example by improving the living comfort of homes or by creating local employment. This ambition calls for innovative solutions to seize the opportunities for a social energy transition.

What does a smart and local energy system look like? How can we best shape this transition together? Who can play a role in this? In this program, we discuss the development of a scalable neighbourhood energy platform in the ArenAPoort area.

In collaboration with Pakhuis de Zwijger we hosted a livecast. We talked to various stakeholders involved in the Energy Lab Zuidoost:

  • Henk van Raan | Amsterdam ArenA
  • Ruben Voerman | Gemeente Amsterdam
  • Huub Hendriks | Alliander
  • Stella Boes | TU Delft
  • Else Veldman | AMS Institute

The livecast was in Dutch, but you can watch the recording with subtitles.

AMS Institute's picture #Energy