News
for you

Jo Weston, posted

Seenons wint de Circular Innovation Award 

Featured image

Seenons heeft een duidelijke missie: mensen samenbrengen voor een wereld zonder restafval. Hoe ze dat doen? Ze hebben een platform ontwikkeld waar restafvalstromen van bedrijven aan circulaire verwerkers worden gekoppeld en vervolgens worden omgezet om tot nieuwe producten. Deze missie is nu beloond met een internationale prijs: The Circular Innovation Award!

Na meerdere rondes was het tijd voor een laatste pitch door een van de founders van Seenons, Joost Kamermans. Een paar highlights van de pitch waren:

  • Seenons matcht jouw overbodige grondstoffen aan producenten die hier iets moois van kunnen maken
  • We faciliteren fijnmazige inzameling door samen te werken met verschillende logistieke partijen
  • We werken samen met zoveel mogelijk lokale verwerkers die hier nuttige producten van maken
  • In het meest ideale geval kopen de ontdoeners deze circulaire producten weer terug, zodat de cirkel rond is
  • Daarnaast maken we dit gehele proces steeds transparanter
  • Zijn nu primair in de randstad actief, maar zullen snel gaan uitbreiden in Nederland en daarbuiten

Terwijl wij groeien neemt de afvalberg af

In de afgelopen maanden zijn we uitgebreid naar meerdere steden. De fijnmazige inzameling in Amsterdam, Utrecht, Den Haag en Eindhoven is operationeel. De software is een stuk verder ontwikkeld; met enkele klikken zijn bedrijven van hun restafval af. Het aantal partners op het gebied van inzameling en verwerking stijgt hard....en we hebben recent een investering opgehaald om onze technologie verder te ontwikkelen en meer circulaire reststromen te onderzoeken.

Op zoek naar ondernemingsverenigingen en gemeenten

We willen alle bedrijven die afval produceren bereiken. Mochten ze lid zijn van een ondernemersvereniging, dan is dat helemaal super. Zo kunnen we samen meer bereiken. Maar iedereen is welkom.. Op dit moment focussen wij ons - naast de traditionele reststromen - op de randstedelijke gebieden voor de stromen koffiedrab en sinaasappelschillen. Daarvoor komen wij ook graag met gemeenten in contact om gezamenlijk de inzameling op te pakken.

Restafval wordt zeep of orangecello

We vinden al onze circulaire verwerkers waste heroes, dus we hebben geen favoriet product. Al is Kusala wel een fantastisch voorbeeld van een verwerker die ‘over-de-datum’ olijfolie verwerkt tot mooie zepen. En Dik&Schil wordt veelvuldig gebruikt op de vrijdagmiddagborrel bij Seenons op kantoor.

De prijs is erkenning van onze visie over hoe je de wereld restafvalvrij kunt krijgen en dat we daarmee in stedelijk gebied ook nog een logistiek probleem oplossen. Ook biedt het ons de mogelijkheid om versneld op te schalen buiten Nederland. We kunnen samen met partijen al gaan kijken naar oplossingen en mogelijkheden. Alleen samen bereiken wij een wereld zonder restafvalvrij en daar hebben we iedereen hard bij nodig!
Lees meer over de projecten van Seenons.

Note van ASC: Heb je input of tips voor voor Seenons? Laat ze achter in de comments.

#CircularCity
Claire Gersen, Advisor Responsible Technology at Province of Noord-Holland, posted

Duurzaam, transparant en onafhankelijk: de nieuwe datastrategie van provincie Noord-Holland

Featured image

Provincie Noord-Holland heeft in mei 2021 een nieuwe datastrategie in concept vastgesteld. De wereld verandert snel en de strategie uit 2018 sloot steeds minder aan bij de huidige ambities. Het streven is om datatechnologie in te zetten voor optimale resultaten van onze maatschappelijke opgaven.

Hierbij zijn drie elementen van belang. Als eerste ‘duurzaamheid’. Wij willen profiteren van digitalisering op een manier die zo min mogelijk ten koste gaat van natuurlijke hulpbronnen. Het tweede element is ‘transparantie’. Wij zien in transparantie de kans om te innoveren mét het vertrouwen van onze inwoners. Het laatste element is ‘data-soevereiniteit’. Wij zien het als onze verantwoordelijkheid om onze onafhankelijkheid zo veel mogelijk te borgen. En misschien nog wel belangrijker: óók de onafhankelijkheid van de inwoners van Noord-Holland.

Om deze stip op de horizon te bereiken hebben we vier doelstellingen opgesteld:

Doelstelling 1
In 2023 zijn wij beter dan nu in staat om met data de maatschappelijke resultaten van onze opgaven te beschrijven, verklaren, voorspellen of optimaliseren.

Met datatechnologie dragen we bij aan de maatschappelijke resultaten die wij voor onze opgaven willen bereiken. Die resultaten verschillen per opgave. Daarom zullen wij voor elke opgave de datapositie in kaart brengen, zo kunnen we tegemoetkomen aan de specifieke behoeften. Voor een aantal complexe deelopgaven starten we bijvoorbeeld een experiment, waarbij we  de mogelijkheden van een ‘digital twin’ onderzoeken.

Doelstelling 2
In 2023 zijn de digitaliseringsbelangen van onze provincie adequaat behartigd op het niveau van de Europese Unie, de Rijksoverheid, de Tweede Kamer en de regio Amsterdam.

Digitalisering en AI vertegenwoordigen een steeds groter economisch en maatschappelijk belang. Zij hebben meer en meer politiek-bestuurlijke aandacht. Zowel op het niveau van de Europese Unie, de Rijksoverheid, de Tweede Kamer als de regio Amsterdam. Dat is relevant voor onze lobby.

Doelstelling 3
In 2023 is meer data van de provincie open en toegankelijk beschikbaar en weten de inwoners van Noord-Holland waar ze deze data kunnen vinden.

Open data is voor de provincie om twee redenen van belang. Allereerst draagt het bij aan transparantie, wat essentieel is voor het vertrouwen van onze inwoners. Daarnaast stelt open data externe partijen, bijvoorbeeld startups, in staat om applicaties te ontwikkelen. Hiervoor richten wij in 2021 een open dataregister in. En hebben wij in 2023 onze meest relevante open datasets gepubliceerd.

Doelstelling 4
In 2023 ervaren inwoners, bedrijven en onze partners dat wij inzet van data en datatechnologie afwegen tegen de Tada-waarden: inclusief, zeggenschap, menselijke maat, legitiem en gecontroleerd, open en transparant, van iedereen - voor iedereen.

We werken vóór onze inwoners en bedrijven. Dus zorgen we dat ons werk met data geen negatieve gevolgen voor hen heeft. Kortom: we gaan verantwoord om met data en datatechnologie. Om dit waar te maken experimenteren we in 2021-2023 met het toepassen van de Tada-waarden en werken we toe naar het publiceren van onze algoritmen in een register. Zo innoveert de provincie Noord-Holland mét het vertrouwen van haar inwoners en bedrijven.

Note van ASC: Wil je nog net iets meer weten? Laat het weten in de comments.

Claire Gersen's picture #DigitalCity
Christiaan Elings, Strategy & Collaboration for Sustainable Transitions at Royal Haskoning, posted

Gezonde stad: slim, samen en in samenhang

Featured image

Een gezonde stad is vitaal, veerkrachtig en toekomstbestendig – zowel maatschappelijk als economisch. Maar vanzelf gaat het niet. De druk op de stad is groot en de situatie is urgent, want er moet veel en liefst tegelijk: meer woningen, minder lawaai, schonere lucht, minder hittestress, een lager energiegebruik. Dit lukt alleen als we het slim, samen en in samenhang doen.

En er is goed nieuws: al die transities scheppen niet alleen verplichtingen, maar ook geweldige mogelijkheden. Zo biedt data science kansen om tot goede plannen en oplossingen te komen, om deze te visualiseren en communiceren én om participatie en besluitvorming te organiseren. In bijgaand artikel uit Binnenlands Bestuur geeft mijn collega Jan de Wit een overzicht van kansen.

Meer info: Gezonde stad: slim, samen en in samenhang

Christiaan Elings's picture #Citizens&Living
Audrie van Veen, International Strategic Advisor at Amsterdam Economic Board, posted

Regional Green Deals presented at EU 100 Intelligent Cities Challenge and EU Blueprint for Local Green Deals published

Featured image

The Regional Green Deals of the Metropolitan Region Amsterdam were presented by Frank Weerwind, Mayor of Almere at the Mayor’s Summit of the 100 Intelligent Cities Challenge. Together with the Amsterdam Economic Board and Amsterdam Smart City, the Metropolitan Regio Amsterdam acts as a mentor region for the 100 European cities who participate in the challenge to work together on their ambitions for the digital and green transition.

For cities that want to work with their stakeholders on ambitious green deals the European Commission now published a practical guide titled Local Green Deals, A Blueprint for Action.

Find the speech by Mayor Weerwind below

22 June 2022

Honorable guests, ladies and gentlemen,

It is a great pleasure and honor to me to be invited to the Mayors’ Summit of the 100 Intelligent Cities Challenge,  and I am very excited to share with you some of my thoughts on the green and digital – or  twin – transition in the cities and regions of Europe. I also would like to express my gratitude to the European Commission and the Committee of the Regions for organizing this event on Green Deals and for launching the 100 Intelligent Cities Challenge. By doing this, you recognize the power of cities in the twin transition, you see the need for support for cities to make this transition happen and by this programme, you facilitate the network that cities can create.

My own city is Almere, a new town near Amsterdam and just 45 years old: it was created from scratch on reclaimed land from the sea, and is now a vibrant city with over 215.000 inhabitants. It is a city without ancient history and traditions, but a young city with a strong pioneering spirit, where there is space to experiment and to test innovative solutions in living labs. Our living lab approach has resulted in various circular and sustainable energy innovations in the city, for example: a smart thermal grid for the new Hortus neighborhood. The living lab approach has also led to the choice for Almere as the location for the World Expo on Horticulture in 2022, the Floriade, which will showcase innovations on greening, feeding, healthying and energizing cities, under the umbrella off Growing Green Cities.  The twin transition is evidently a core aspect in this event. I will take this opportunity to invite you all to visit the expo next year in Almere.

But this morning I represent not only Almere but the Metropolitan Region Amsterdam, a region consisting of 32 municipalities and two provinces. An economically strong region in Europe with a high quality of life, an international hub with a huge amount of talent, knowledge, innovation and businesses. The Metropolitan Region Amsterdam is one of the so-called mentors in this programme, because we believe in sharing our vision with other cities in terms of knowledge and innovation, but, please, let me assure you that our ‘success’ story has been established, due to knowledge and innovation coming from the cooperation between cities. My aim for now is to continue the dialogue with you on the issues that we are sharing together.

As many of your regions, our region, with an economy highly defined by tourism and services industries, was hit hard by COVID-19. Therefore, we decided at an early stage to investigate, together with knowledge institutions and the business sector, how we could aim for green recovery. We felt more was needed, besides the required regional energy strategies, investing in our energy backbones, which nowadays also include a hydrogen-infrastructure, and ongoing European energy transition projects such as Atelier. We asked the Amsterdam Economic Board to organise this investigation, since they act independently and aim for connecting the companies, research and education institutes and governments in our region. Facing such an unprecedented crisis, we did not want to do this as governments alone, but together with all relevant stakeholders. And, my fellow Mayors, that is a lesson I want to share with you: don’t do it alone.

Based on interactive stakeholder sessions and scenario-planning, we started a trajectory towards green recovery, resulting so far in 3 Regional Green Deals and with these deals, extra focus on skills for sustainable jobs. The Green Deals are: making the textile value chain circular, developing the region as a innovative bicycle hotspot and -for the Netherlands this is really innovative- increase the amount of new-build houses in timber to 20% of the total of new residential building activity.

As a result of those Local Green Deals, we invest faster and more effectively in the economy of today and tomorrow. The aim is to anticipate on changing jobs and the necessary skills, to fill existing and future vacancies and to achieve greater well-being and prosperity in the long term. And that is what we wish for the whole of the European Union.

To conclude, I would like to compliment you with your efforts in the 100 Intelligent Cities Challenge. And please feel free to take a closer look into the work of the Metropolitan Region Amsterdam and to learn, copy the elements that would benefit you, but also to bring your knowledge to us, for example via our online platform Amsterdam Smart City. That way, together we advance in the European twin transition. And move forward to the digital, inclusive and sustainable future of our cities.

Audrie van Veen's picture #CircularCity
Herman van den Bosch, professor in management development , posted

Beyond the smart city: Digital innovation for the Good of citizens

Featured image

About ten years ago, technology companies started to provide cities with technology, luring them with the predicate ‘smart(er)’, a registered trademark of IBM.  At that time Cisco's vice-president of strategy Inder Sidhudescribed the company’s ‘smart city play’ as its biggest opportunity, a 39,5 billion dollar-market. During the years, that followed, the prospects rocketed: The consultancy firm Frost and Sullivan estimated the global smart city technology market to be worth $1.56 trillion by 2020.

The persistent policy of technology companies to suggest a tight link between technology and the wellbeing of the citizens, angers me. Every euro these companies are chasing at, is citizens’ tax money. What has been accomplished until now is disappointing, as I documented in the IET Journal.  According to The Economist it is not surprising that a ‘techlash’ is underway: Many have had it with the monopolistic dominance of behemoths like Google, Amazon, Facebook and the like, because of their treatment of sensitive data, the lack of transparency and accountability of algorithm-based decision making and the huge profits they make from it.

Regaining public control

However, let's not throw out the baby with the bathwater and see how digital innovation can be harnessed for the Good of all citizens. Regaining public control demands four institutional actions at city level.

1. Practicing governance
Before even thinking about digitalization, a city must convert into best practices of governance. Governance goes beyond elections and enforcing the law. An essential characteristic is that all citizens can trust that government represents their will and protects their interests. Therefore, it is necessary to go beyond formal democratic procedures and contact stakeholders directly, enable forms of participatory budgeting and deploy deliberative polling.
Aligning views of political parties and needs and wants of citizens takes time and a lot of effort. The outcome might be a common vision on the solution of a city’s problems and the realisation of its ambitions, and a consecutive political agenda including the use of tools, digital ones included.

2. Strengthening executive governmental power
Lack of cooperation within the departmental urban organizations prevents not only an adequate diagnosis of urban problems but also the establishment of a comprehensive package of policy instruments, including legislation, infrastructure, communication, finance and technology. Instead, decisions are made from within individual silos, resulting in fragmented and ineffective policies. Required is a problem-oriented organization instead of a departmental one and a mayor that oversees the internal coherence of the policy.

3. Level playing field with technology companies
Cities must increase their knowledge in the field of digitization, artificial intelligence in particular. Besides,  but they should only work with companies that comply with ethical codes as formulated in the comprehensivemanual, Ethically Aligned Design: A Vision for Prioritizing Human Well-being with Autonomous and Intelligent Systems, drafted by the influential Institute of Electric and Electronic Engineers (IEEE)
Expertise at city level must come from a Chief Technology Officer who aligns technological knowledge with insight in urban problems and will discuss with company representatives on equal foot. Digitalisation must be part of all policy areas, therefore delegating responsibility to one alderman is a bad idea. Moreover, an alderman is not an adequate discussion partner for tech companies.

4. Approving and supporting local initiatives
Decentralization of decision-making and delegating responsibility for the execution of parts of the policy to citizen’s groups or other stakeholders helps to become a thriving city. Groups of citizens, start-ups or other local companies can invoke the right of challenge and might compete with established companies or organizations.

In summary: steps towards seamless integration of digitalization in citizen-orientated policy

1.     Define together with citizens a vision on the development of the city, based on a few central goals such as sustainable prosperity, inclusive growth, humanity or - simply - happiness.
2.     Make an inventory of what citizens and other stakeholders feel as the most urgent issues (problems and ambitions).
3.     Find out how these issues are related and rephrase them if desirable.
4.     Deepen insight in these issues, based on available data and data to be collected by experts or citizens themselves.
5.     Assess ways to address these issues, their pros and cons and how they align with the already formulated vision.
6.     Make sure that digital technology has been explored as part of the collected solutions.
7.     Investigate which legal, organizational, personnel and financial barriers may arise in the application of potential solutions and how to address them.
8.     Investigate undesired effects of digital techniques, in particular long-term dependence ('lock-in') on commercial parties.
9.     Formulate clear actions within the defined directions for dealing with the issues to be addressed. Involve as many expert fellow citizens as possible in this.
10.  Make a timetable, calculate costs, and indicate when realization of the stated goals should be observable.
11.  Involve citizens, non-governmental and other organizations in the implementation of the actions and make agreements about this.
12.  At all stages of the process, seek support from those who are directly involved and the elected democratic bodies.
13.  Act with full openness to all citizens.

I can't agree more than with the words of Léan Doody (smart city expert Arup Group): I don't necessarily think 'smart' is something to strive for in itself. Unlike sustainability or resilience, 'smart' is not a normative concept…. The technology must be a tool to deliver a sustainable city. As a result, you can only talk about technological solutions if you understand which problems must be solved, whether these problems are rooted in the perceptions of stakeholders and how they relate to other policy instruments.

Herman van den Bosch's picture #DigitalCity
Liza Verheijke, Community Manager at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Centre of Expertise Applied AI launches magazine

Featured image

Artificial Intelligence (AI) and Data Science permeate all the capillaries of society. The scientific developments in these fields are rapid. The applications affect all sectors and professions - to a greater or lesser extent - for which the Amsterdam University of Applied Sciences (AUAS) trains.

The AUAS Centre of Expertise Applied AI exists since February 1, 2021 and focuses on the meaningful application of AI techniques in a specific context (healthcare, accountancy, media, retail, etc.). In seven application-oriented labs we work together in co-creation - with education, research, business and civil society organizations - on innovation.

In this way, we train students and retrain professionals to be change-makers for companies and organizations. In this way, we are shaping the digital transition in a real, responsible and inclusive way. And we make the connection between fundamental and practical research, aimed at the daily application of AI in companies and other organizations. In this way, the AUAS contributes to an inclusive digital transition.

In our magazine we proudly present our seven labs and discuss the importance of our Centre of Expertise. We hope you get a good impression of our methods and approach.

You can find the digital magazine (in Dutch) here 👉🏻 https://heyzine.com/flip-book/552a2865a3.html#page/1

Would you like to receive a hard copy? Then leave your details here 👉🏻 https://forms.office.com/pages/responsepage.aspx?id=HrsHCfwhb0eIQwLQnOtZp8XlcpMWAw9ErQhBMXC83PVUQUhKUjJXUUZMU0o2V003S1ZPMk5VRVU4WS4u

If after reading this you are interested in working together, please contact us at appliedai@hva.nl

Liza Verheijke's picture #DigitalCity
Karolina Sawicka, Business Developer & Innovator at Spatial Experience, posted

Is urban living going to last? What are the alternatives?

Featured image

“Remote Work & Stay: modern living solutions beyond urban spaces” - a publication by Spatial Experience gathers valuable insights and perspectives from industry experts in the emerging Remote Work & Stay sector. More and more workers are packing their laptops and moving towards a more flexible way of living and working, now craving for spaces that provide them with new experiences and catered environments that enable personal growth. But are there places that meet their needs properly? In this publication, we dive deep into the drivers of remote work & stay, the innovative living solutions beyond the cities, the technology behind them, and much more. Click the Link below now and get your free copy!

https://www.spatial-experience.com/spx-lab/publications/remote-work-stay-2021

Karolina Sawicka's picture #Citizens&Living
Eline Meijer, Communication Specialist , posted

Urban Mobility: Cycling transitions in two major European cities

Featured image

After approximately 15 podcast interviews with experts from around the world, it's time for researcher/advisor/podcastmaker Geert Kloppenburg to look back at the best practices. He started 2,5 years ago with the idea to just contact people in the cities who are actually implementing changes in the streets at this moment. He has discovered so many great best practices that he would like to share.

Geert visited different cities around the world to interview experts on cycling and mobility and noticed an explosion in cycling. And when Corona came, the use of bicycles grew even more.

In this interview Geert looks back on 15 podcast and video interviews on the transformation of different cities.

Watch the 9 minute video and let us know what you think.

Note from ASC: What are your thoughts after watching 👀? Let us know bellow.

Eline Meijer's picture #Mobility
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Hoogbouw vraagt om een menselijke maat nu steden verdichten

Featured image

HvA-onderzoeksproject Sensing Streetscapes deelt eindresultaten en gaat op excursie naar vier steden met ontwerpoplossingen op ooghoogte.

De populariteit van de stad zet alsmaar door, en dat is te zien aan huidige bouwprojecten. Die gaan steeds meer de hoogte in nu de stad verdicht. Van Londen tot Oslo en van Vancouver tot Amsterdam. Lectoraat Bouwtransformatie van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) onderzocht met ontwerpbureaus, gemeenten, ontwikkelaars en woningbouwcorporaties binnen onderzoeksproject Sensing Streetscapes hoe je een menselijke maat kan creëren in gebiedsontwikkeling met hoge dichtheden. De onderzoekers zetten hiervoor ontwerpend onderzoek, neuroarchitectuur en AI in. Welke lessen voor de praktijk leverden dit 2-jarige onderzoek op en tot wat voor inzichten kwamen de experts rondom dit actuele vraagstuk?

De onderzoekers binnen het actieonderzoek Sensing Streetscapes analyseerden in Amsterdam, Vancouver, Toronto, Manchester, Londen en Oslo de toegepaste ontwerpoplossingen om hoogbouw te verschalen naar menselijke proporties op ooghoogte. Omdat zowel de ontwerpopgave als de methodiek van neuroarchitectuur nieuw zijn voor Nederland werkten zij samen met internationale partners en steden. De analyses tonen de gerealiseerde oplossingen voor dezelfde stedenbouwkundige regels. Grote verschillen werden hierdoor zichtbaar.

Kijken als professional: zes casestudies ontwerpend onderzocht

Terwijl Toronto zich manifesteert met extreme en harde keuzes die de hoogbouw letterlijk aan de straat tonen, is er in onder meer Vancouver, Manchester en Amsterdam veel meer gelaagdheid. Bovendien zijn er meer details toegepast waarmee de hoogbouw visueel minder nadrukkelijk aanwezig is voor de gebruikers in de straat. En dat is nodig, want een menselijke maat op straatniveau verbetert de leefbaarheid op hoogbouwlocaties en verhelpen gezondheids- en stressklachten gerelateerd aan deze milieus.

De Zuidas in Amsterdam als ‘mixed-use’ gebied is een voorbeeld waar de hoogbouw goed werkt, vertelt Frank Suurenbroek, lector Bouwtransformatie bij het Centre of Expertise Urban Technology van de HvA, tijdens een excursie door de Zuidas. ‘De verbinding tussen de zakelijkheid van kantoren en de zachte materialen voor woningbouw is hier grotendeels geslaagd. Daarnaast is er veel groen door mooie pocket parks (kleine parken), die deels toegankelijk zijn voor publiek én zelfs ontworpen zijn met bewoners.’ Internationale experts ‘vlogen digitaal in’ en een belangrijk deel van de Nederlandse praktijk — van ontwerpbureaus tot ontwikkelaars, brancheorganisaties en hoofdontwerpers van de grote steden — waren aanwezig bij de excursie als onderdeel van het eindseminar, waar de opgedane kennis na twee jaar onderzoek werd gepresenteerd en gedeeld.

Zo werd ook duidelijk dat bewoners in Londen soms in sociaal isolement verkeren door wonen in hoogbouw op schiereiland Isle of Dogs, vanwege weinig contact met de buren en de straat. Terwijl soortgelijke milieus in Amsterdam, Vancouver en Oslo een ander beeld laten zien vanwege de natuur waarmee zij omringd zijn. ‘De laatste jaren tonen aan dat groen een belangrijke drager voor ontwerp is geworden’, verklaart Gideon Spanjar, projectleider van Sensing Streetscapes. ‘Bewoners van hoogbouw hebben in Vancouver zicht op natuur en de grote en kleine korrel van gebouwen zijn bewust gemengd. Tevens werken zij met ontwerpoplossingen om de hoogbouw voor de voetganger aan het zicht te onttrekken door de gebouwen naar achteren te plaatsen, waarbij het bladerdak van bomen de ruimte subtiel begrensd. Dit noemen we ook wel Vancourism.’

Kijken als gebruiker: neuroarchitectuur ontsluit de beleving

Maar hoe ervaren de bewoners ontwerpoplossingen op ooghoogte zelf? Het nieuwe vakgebied van de neuroarchitectuur biedt de mogelijkheid om hier voor het eerst antwoord op te geven. Iedereen kent immers plekken die fijn aanvoelen en plekken waar je snel weer weg wilt. Met neuroarchitectuur wordt dit proces zichtbaar gemaakt met behulp van eye-trackers en een hiervoor ontwikkeld biometric dashboard. De eye-trackers registreren 30 keer per seconde waar de gebruiker naar kijkt, hoe lang en in welke volgorde. Door vele proefpersonen systematisch verschillende locaties voor te leggen, worden patronen zichtbaar op een heatmap (zie hoofdfoto als voorbeeld).

Uit de veld- en labtests blijkt het belang van wat op ooghoogte wordt ontworpen, zoals de ontwerpers voorspellen. Hierbij werd specifiek duidelijk dat mensen eerst op zoek gaan naar andere mensen. Daarvoor wordt de ruimte gescand op plekken waar je die kan verwachten, zoals balkons, portieken, entrees, fietsenrekken en auto’s. Evenals de functies op de begane grond en het materiaal van gebouwen. En terwijl te veel complexiteit in de straat veel aandacht trekt in negatieve zin, vallen zowel een dichte als een transparante plint minder op. De contouren van een verhoogde plint worden daarbij daadwerkelijk gezien en helpen hoogbouw verschalen. Tot slot werkt een geleidelijke overgang tussen straatwand en straatruimte goed.

De balans tussen succesvol en niet succesvolle ontwerpoplossingen is subtiel, verklaart lector Suurenbroek. ‘Als we willen dat mensen niet overweldigd raken door hoogbouw, dan zijn neuroarchitectuur-testen gedurende het ontwerpproces van belang. De ontwikkelde methode en patronen die daarmee zichtbaar worden tonen aan dat het ons echt kan informeren over de impact van ontwerpkeuzes.’

Kijken vanuit data: AI ontsluit rijke reeks leerzame locaties

Iedere bouwopgave binnen de bebouwde stad heeft te maken met unieke uitdagingen, maar goed gerealiseerde voorbeelden uit de praktijk kunnen dienen als referentie voor de impact van mogelijke ontwerpoplossingen. Met behulp van AI is binnen het onderzoek een search-engine gebouwd, waarmee via open data vergelijkbare locaties getraceerd kunnen worden. Hiermee helpt AI de ruimtelijk ontwerpers en opdrachtgevers een rijke reeks aan bijpassende referentielocaties te vinden, van Europa tot Noord-Amerika. De mate van hoogbouw, Floor Space Index, Mixed-use is een greep van parameters die je zelf kan instellen.

Suurenbroek: ‘Eenmaal gebouwd bepaalt een ruimtelijk project voor decennia het aanzien en de condities van de plek en omgeving. Juist daarom proberen we met ons onderzoek en de excursie het gesprek tussen de ontwerpers, opdrachtgevers, toekomstige gebruikers en internationale experts te faciliteren. Bovendien vertoont de groei van Amsterdam veel overeenkomsten van die van de meeste andere westerse steden. Ontwerpend onderzoek, neuroarchitectuur, de AI-tool en excursies helpen daarbij. Ontwerpen van het straatniveau valt immers deels tussen verschillende disciplines in.’

Meer informatie

Het eindseminar en de excursie zijn onderdeel van het 2-jarig onderzoeksproject Sensing Streetscapes, waar lector Bouwtransformatie Frank Suurenbroek, hoofdonderzoeker Gideon Spanjar en senior AI-onderzoeker Maarten Groen (lectoraat Resonsible IT) hun resultaten hebben gedeeld. Alsook diverse experts uit Oslo, Vancouver en Londen. Binnen het project werkt een interdisciplinair team van onderzoekers samen met de praktijk en internationale onderzoeksgroepen aan het ontleden van het begrip menselijke maat voor het ruimtelijk ontwerp. Om de resultaten te ontsluiten en de AI-tool open access te gebruiken, is een platform gebouwd: www.sensingstreetscapes.com.

Jochem Kootstra's picture #Citizens&Living
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Hoe gaan we om met steeds hetere zomers?

Featured image

5 publicaties over hittebestendig inrichten van steden, met behulp van burgers

Van hitterecords in de laatste zomers tot uitgedroogde parken. De effecten van de opwarming van het klimaat worden steeds beter zichtbaar. Vanaf 2020 zijn Nederlandse gemeenten aan zet om straten en wijken te toetsen en in te richten op hittebestendigheid (Deltaprogramma, 2018). En ook de burger wil er graag de vinger op leggen. Wat kunnen zij samen bereiken? Lees voor inspiratie 5 publicaties van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) over hittebestendig inrichten van steden en woningen.

Een koele kijk op de inrichting van de buitenruimte

De hete zomers maken het leven in de stad steeds vaker onaangenaam en hebben gevolgen voor vele aspecten van ons leven. De HvA schreef samen met partners een adviesrapport om het dagelijks leven buitenshuis tijdens hete dagen te verbeteren. Van hittekaarten en interactieve mindmaps om de hitteopgave van de stad zichtbaar te maken, tot concrete ontwerprichtlijnen die gemeenten en professionals in wijken en straten kunnen inzetten. Lees over een koele kijk op de inrichting van de buitenruimte.

Hitteproef in woningen

Wat is de koelbehoefte van woningen en welke factoren zijn van invloed op oververhitting binnenshuis? Tijdens de hittegolf van 2020 zijn metingen verricht naar de ontwikkeling van de binnentemperatuur in 11 woningen verspreid over 5 locaties (Groningen en Amsterdam). Bewoners is gevraagd gedurende de metingen een handelingsdagboek bij te houden om inzicht te krijgen in het effect van bijvoorbeeld het sluiten van zonwering of openen van een raam; overdag en ‘s avonds. Hoe ervaart de bewoner hitte in huis? Lees over de resultaten van koelbehoeften in woningen.

Praktijkonderzoek hitterichtlijnen

De HvA ontwikkelde in de zomer van 2020 drie ontwerprichtlijnen voor een hittebestendige inrichting van de buitenruimte, met concrete grenswaarden. Zoals: 300 meter tot een koele plek, of 40 % schaduw op loopgebieden. In dit onderzoek zijn de richtlijnen in de praktijk onderzocht door metingen, interviews, foto’s en GIS-analyse te combineren. Voor elke van de richtlijnen worden de methode, resultaten en aanbevelingen beschreven, zodat de aanpak eenvoudig opschaalbaar is naar andere gemeenten. Lees wat dit voor jouw gemeente kan betekenen.

‘Meet je stad!’

Om te zien wat de temperaturen zijn in eigen stad, wijk en achtertuin, plaatsten deelnemers van het burgerwetenschapsproject ‘Meet je stad!’ zelf ontworpen meetkastjes met daarin temperatuursensoren. In Amersfoort leidde een samenwerking tussen burgers en professionals tot een completer beeld van het hitteprobleem in de stad en de aanpassingen die nodig zijn. Informatie uit de haarvaten van de stad wordt hiermee toegevoegd aan bestaande kennis. Lees over de temperatuurgegevens in de zomer van 2018, van in totaal 148 meetkastjes verspreid door Amersfoort.

Meetmethodes voor een Cool Town

In het Europese project Cool Towns werken regio’s, gemeenten, bedrijven en universiteiten samen aan het in kaart brengen van ruimtelijke, economische en leefbaarheidsconsequenties van hittestress. Net als het monitoren van klimaatadaptatiemaatregelen en de implementatiekansen in beleid. Op basis van meetervaringen van 2 jaar veldonderzoek in 4 Europese landen is recent het gestandaardiseerde Cool Towns Heat Stress Measurement Protocol ontwikkeld. Middels 3 methodes kunnen beleidsmakers, ontwerpers en adviseurs zelf het ervaren thermische comfort van hun buitenruimtes in kaart brengen voor een gedegen kosten-batenafweging van hittestressmaatregelen. Dit zijn de 3 meetmethodes.

Transitiethema Designing Future Cities

De publicaties vallen onder lectoraat Water in en om de stad van transitiethema Designing Future Cities. Designing Future Cities werkt aan ontwerpoplossingen voor onze steden opdat deze toekomstbestendig zijn. De focus ligt op klimaatbestendigheid, circulaire bouw en leefbaarheid van de stad. Een integrale aanpak staat centraal, om verbinding te maken tussen deze en andere opgaven. Het is één van de vier onderzoeksthema’s van Centre of Expertise Urban Technology.

Jochem Kootstra's picture #Citizens&Living
Amsterdam Smart City, Connector of opportunities at Amsterdam Smart City, posted

De extreem ambitieuze missie van Amsterdam Smart City: Bruto Menselijk Geluk voor 2030

Featured image

Onze inzending voor ‘Missie Nederland’ van de Volkskrant (wat kan eigenlijk niet, maar wil je toch voor elkaar krijgen), oftewel een “Moonshot”, is het creëren van Bruto Nationaal Geluk met digitale sociale innovatie. In 9 punten de missie die we samen met Future City Foundation, het G40 Stedennetwerk, BTG Branchevereniging ICT en Telecommunicatie Grootgebruikers hebben ingestuurd.

Om dit te bereiken, moeten we zorgen dat íedereen kan meedoen in onze maatschappij, onze democratie. Ook de groep mensen die we nu niet horen. Met digitale technieken maken we nieuwe verbindingen mogelijk. Zodat je mee kan doen, bij kan dragen, ook als je de deur niet uit kunt, verbaal minder sterk bent of amper tijd hebt. Zo kan iedereen bijdragen aan het eigen geluk én aan dat van een ander.

In 2030 ...

… is geen enkele Nederlander meer digibeet, in plaats daarvan is elke Nederlander digitaal vaardig.

… heeft elke inwoner van Nederland toegang tot hoogwaardig internet. Dat betekent dat elk huis wordt aangesloten op snel vast en mobiel internet en elk huishouden in staat is om apparaten te kopen waarmee toegang mogelijk is. Een goede laptop is net zo belangrijk als een goede koelkast.

… wordt het internet op een nieuwe manier gebruikt. Toepassingen (software en
hardware) worden vanuit de gebruikers gemaakt. Met als uitgangspunt dat iedereen ze kan gebruiken. Programma’s en de daarvoor benodigde algoritmen worden zo geschreven dat ze ten dienste staan van de samenleving en niet van het bigtech-bedrijfsleven.

… heeft elke inwoner van Nederland een ‘self-sovereign-identity’ waarmee ze vrij, binnen de context van hun eigen grenzen, digitaal kunnen opereren en acteren.

… is nieuwe technologie ontwikkeld die de inwoners en bedrijven de kans mee te
denken en beslissen over en mee te ontwikkelen en handelen aan welzijn regio’s,
steden en dorpen.

… hebben alle Nederlandse politici verstand van digitalisering en technologisering.

… is het Nederlandse bedrijfsleven leidend in de ontwikkeling van deze oplossingen.

… zorgt dit alles voor meer welzijn en niet alleen voor meer welvaart.

… is het internet weer van ons.

Laat ons weten wat je ervan vindt in de comments. Lees ook de hele  moonshot.

Amsterdam Smart City's picture #DigitalCity
Tessa Steenkamp, Spatial Interaction Designer , posted

Stem op De Buitenkans: van grofvuil tot spullen-ruil!

Featured image

De Buitenkans ordent grofvuilstapels, en beschermt spullen tegen de regen. Bewoners kunnen er hun spullen sorteren, tentoonstellen en onderling uitwisselen, voordat deze worden afgevoerd.

Ontwerpprobleem

Op de stoepen van Amsterdam Noord ligt altijd grofvuil. Dit wordt vaak gezien als gedragsprobleem, maar eigenlijk is het meer een ontwerpprobleem. Lokaal eigenaarschap kan namelijk wel: overal staan ruil-boekenkasten, vaak beheerd door bewoners. Hier en daar staat zelfs een rek met gratis mee te nemen kleren, of wordt een bushokje gebruikt om spullen uit te stallen.

Met De Buitenkans passen we dit idee toe op grofvuil ophaalpunten. Bewoners kunnen er spullen sorteren en beschermd uitstallen. De spullen behouden zo langer hun waarde, en worden makkelijker weer meegenomen door buren.

Net als de normale grofvuillocatie wordt De Buitenkans iedere maand geleegd. In de tussentijd worden er spullen en materialen geruild. Bekijk deze korte video, waarin we het concept verder toelichten.

Boost je buurt!

De Buitenkans staat nu in de finale van ‘Boost je Buurt’. Met jou stem kunnen we max €7.500 winnen. Daarmee willen we een prototype bouwen, zodat we kunnen testen of het werkt.

Stem op De Buitenkans - en bouw mee aan een circulaire buurteconomie!
Je kunt t/m 16 juni, 12:00 stemmen.

Note van ASC: Nog input of tips voor Tessa? Laat ze achter in de comments 💬

Tessa Steenkamp's picture #CircularCity
Amsterdam Smart City, Connector of opportunities at Amsterdam Smart City, posted

Data Dilemma recap: Focus on the right data when measuring Circular Economy

Featured image

As a city Amsterdam has ‘ambitious ambitions’ Jorren Bosga (city of Amsterdam) stated in his opening, as he was referring to Amsterdam’s Circular Economy (CE) Monitor. He did this in another edition of Data Dilemma’s. Here - in collaboration with Datalab Amsterdam - the biggest data-related hurdles of the great public transitions get addressed in a discussion between a panel of (international) experts and the audience.

This time, our experts talked about their experiences, plans and struggles on monitoring the circular economy. Jorren shared the cities ambition to reduce the use of primary abiotic resources (not derived from living organisms) by 50% in 2030 and by 100% in 2050. To gain insights into the progress towards the city’s top-level circular economy targets, Jorren expressed the need for both high coverage, as well as high detail of the data collected. Characteristics that seem almost mutually exclusive.

Data with high coverage and detail

A top-down approach, like Amsterdam’s collaboration with the Central Bureau of Statistics, leads to a broad general insight, but lacks detailed data of materials and is
subjected to assumptions. Working bottom-up will grant you more detailed data, but only on a small part of the system. To do the latter, Amsterdam partners with sector-wide reporting organizations or large companies, for instance in monitoring company-level waste processing.

What’s being reused and repaired?

Next up was Nina Lander Svendsen from PlanMiljø to talk about their multinational
collaboration study on the state of the circular economy in the Nordic countries. Like Amsterdam, she urged the need for more data on the ‘inner circles’ of CE, containing the reuse and repair of products and materials. Being able to influence the lifetime of materials will be most interesting to policy makers. Political strategies on stimulating the circular economy allow more specific collection of data and monitoring, in contrast to just generally gathering data. Having a stronger correlation between the circular transition and the expected impacts, will increase the influence of policy changes.

Focus on measuring what you really want to know

The call for focus on the things you really want to measure was underlined by Luc
Alaerts, researcher at the KU Leuven and Leuven 2030. It is easy to look at what you can do with the data that is available, but it contains the risk of creating a false sense of control. If policy makers only look at a small portion of the system, that portion will get a disproportionate amount of influence. It is therefore important to also focus on the data that is not available yet. A city can aim for a high amount of registered users of a car sharing-app, but if that means that people are grabbing a car instead of a bike
or using public transport, it’s debatable if it has had the effect they were
aiming for.

Importance of dialogue with stakeholders

Also, Luc touched upon the importance of dialogue with stakeholders in collecting data. Lowering reluctance by making them part of the project, focusing on the value
it creates and gaining trust before you ask for data seems the way to go. In
Leuven, they showed this in their materials bank - a project where construction
materials get a second life.

Wanted to join the session, but couldn’t? Or do you want to rewatch that one particularly good part of the discussion? Check out the recording anytime you like.

Amsterdam Smart City's picture #CircularCity
Adriaan van Eck, Implementing IoT & Smart Energy , posted

Alle sprekers bekend van de Smart Energy Community morgen (dinsdag 8 juni)

Featured image

Beste allen,

Jullie hadden nog een update tegoed, aangaande het panel dat morgen discussieert in de laatste editie van de Smart Energy Community van dit seizoen.

We gaan met deze 3 experts in op de toekomstverwachtingen voor slimme energiediensten:
- George Trienekens van TenneT,
- Marten van der Laan van Hanzehogeschool,
- Michel Muurmans van Eneco

Het hele programma kunt u hier vinden:
https://www.smartenergycommunity.nl/webinar8juni2021

Adriaan van Eck's picture #Energy
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Circulair: Hout ter grootte van Oosterpark hergebruiken

Featured image

Onderzoek van HvA en Metabolic maakt de impact van vrijgekomen hout uit Amsterdamse renovatieprojecten van woningcorporaties zichtbaar: ‘Het Oosterpark zou 30 jaar nodig hebben om al het hout te produceren dat hier beschikbaar komt.’

Hout, metaal, kunststof, steen: er komen veel materialen vrij bij renovatieprojecten. Maar een duidelijk overzicht hiervan ontbreekt. Zonde, want deze materialen bieden mogelijkheden voor hergebruik. Een materiaalstroomanalyse van woningcorporaties Ymere en Rochdale, uitgevoerd door de Hogeschool van Amsterdam (HvA) en Metabolic als expert op gebied van circulair bouwen en materiaalgebruik, laat zien dat er vooral veel hout vrijkomt. Een materiaal dat nog te vaak in de afvalverbrandingsinstallatie belandt, terwijl het een hoog hergebruikpotentie heeft. Het onderzoek is voor de woningcorporaties een eerste stap om meer te doen met hout dat vrijkomt uit hun renovaties.

De cijfers liegen er niet om, in totaal kan er 281 m3 hout uit een selectie van 12 Amsterdamse renovatieprojecten van woningcorporaties Ymere en Rochdale worden gehaald. Dat staat gelijk aan het hout waar een bos ter grootte van het Amsterdamse Oosterpark 30 jaar voor nodig heeft om het te produceren. Meer dan 60% van dit hout wordt verbrand, wat zorgt voor 110.270 kg CO2-uitstoot; evenveel als de jaarlijkse energie- en warmtegerelateerde uitstoot van 29 huishoudens. Als we ons dan realiseren dat dit om slechts een fractie gaat van de renovatieprojecten in Nederland, laat dat concreet zien hoe groot de impact van de gebouwde omgeving is, vertelt Nico Schouten, Green building consultant bij Metabolic.

Hout voor circulaire toepassingen in de Robot Studio

De analyse toont aan dat er met name veel hout vrijkomt van raamkozijnen en deuren, dat mogelijkheden biedt voor circulaire toepassingen, zegt Tony Schoen, projectleider van het onderzoek Circular Wood for the Neighbourhood. ‘In de Robot Studio leren we hoe we dit soort hout kunnen verwerken met industriële robots. Het plan is om met de robots prototypes te maken van praktijkcases gerelateerd aan dit soort renovatieprojecten, waarin we de grootste impact kunnen maken. Wij denken met robots het hout efficiënt te kunnen verwerken, terwijl handmatige verwerking veel te duur zou zijn.’

Hout herproductie

Hout herproductie 2

Studenten en onderzoekers van HvA kunnen in de Robot Studio gaan ontwerpen met de reststromen, wat ervoor zorgt dat de toepassingen makkelijk schaalbaar zijn, verklaart Schouten van Metabolic. ‘Het demontabel in elkaar zetten van producten en het ontwerpen met reststromen is een belangrijke stap om de impact van de bouwsector te minimaliseren. En robottechnieken zijn essentieel om dit lokaal te doen.’

Digitale marktplaats en ontwerpersplatform

Op de lange termijn wil de HvA de gehele keten van houtinzameling tot verwerken in nieuwe toepassingen onderzoeken en ‘in de vingers krijgen’, sluit Marta Malé-Alemany, hoofd van de Robot Studio, af. ‘In dit project kijken we vooral naar de potentie van twee woningcorporaties en zien we nu al de voordelen van een intensievere samenwerking voor circulaire toepassingen. Door bijvoorbeeld de planning en logistiek van gebouwrenovaties per gebied te gaan coördineren, kunnen houten materialen worden vrijgemaakt voor hergebruik waarvan verschillende bedrijven in dat gebied profiteren. Ook gaan we de technische stappen verder onderzoeken in samenwerking met de houtverwerkende industrie. Hiermee willen we ervoor zorgen dat onze ideeën van houtverwerking tot circulaire ontwerptoepassingen geïmplementeerd kunnen worden door de bedrijven’.

Hout circulair

Hout circulair 2

Meer informatie Circular Wood for the Neighbourhood

De HvA voert het project Circular Wood for the Neighborhood (RAAK-publiek-project van Regieorgaan SiA) uit samen met Ymere , Rochdale , TU Delft , Metabolic en andere partners. Het project wordt uitgevoerd door de Digital Production Research Group van het Centre of Expertise Urban Technology van de HvA, waar onderzoek wordt gedaan hoe geavanceerde ontwerp- en productiemethoden (ook wel ‘Digitale Productie’ genoemd) gebruikt kunnen worden om maatschappelijke vraagstukken aan te vliegen. De groep werkt aan onderzoeks- en onderwijsactiviteiten in de Robot Studio.

Metabolic  doet in Nederland veel werk aan het in kaart brengen van materiaalstromen en het onderzoeken van hergebruikpotentie van materialen. Zo hebben zij voor het Economisch Instituut voor de Bouw  (EIB) de nationale consumptie en afstoot van de Nederlandse bouwsector in kaart gebracht en werken zij op nationaal en regionaal gebied veel aan urban mining . Ook doen zij dit op kleinere schaal voor gebiedsontwikkeling en bouwprojecten. De kennis die zij over de jaren hebben opgedaan, zetten zij nu in als achtergrondinformatie voor Circular Wood for the Neighbourhood.

Jochem Kootstra's picture #CircularCity
Sultan Cetin, Designer | Doctoral Researcher at Delft University of Technology (TU Delft), posted

Digital Circular Economy: An Emerging Framework

Featured image

Researchers Sultan Cetin (TU Delft), Catherine De Wolf (ETH Zurich) and Nancy Bocken (Maastricht University), have developed a novel framework combining Circular Economy principles and life cycle stages of buildings, and mapped ten potentially enabling digital technologies.

These include:

  1. Additive/robotic manufacturing;
  2. Artificial intelligence;
  3. Big data and analytics;
  4. Blockchain technology;
  5. Building information modelling;
  6. Digital platforms/marketplaces;
  7. Digital twins;
  8. The geographical information system;
  9. Material passports/databanks;
  10. The internet of things.

Their framework can be used to create roadmaps or map your value network in your circular operations.
You can access their article freely.

Sultan Cetin's picture #DigitalCity
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Zoncoalitie - Altijd de beste keuze

Featured image

Wat eind 2015 begon als een ambitieus initiatief vanuit Amsterdam Smart City, groeide uit tot een volwaardige en professionele organisatie dat nu alweer enkele jaren op eigen benen staat. Een mooi resultaat uit een jarenlange samenwerking met tientallen partijen, waaronder Alliander, de Gemeente Amsterdam, Tertium en natuurlijk de Zoncoalitie-leden zelf! Super gaaf om te zien hoe ver ze zijn gekomen. Mede dankzij de Zoncoalitie wordt het steeds makkelijker voor vastgoedeigenaren en gemeenten om zonnestroom van daken te krijgen.

Benieuwd waarom ik er over begin? De Zoncoalitie heeft een nieuwe bedrijfsvideo gelanceerd.
Klik hier om het te bekijken!

Melchior Kanyemesha's picture #Energy
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

De HvA realiseert energiepositieve wijken door Europa

Featured image

Anderhalf jaar geleden kreeg Amsterdam een Europese subsidie voor het realiseren van een energiepositieve wijk (‘positive energy district’, ofwel PED) in hun stad. De Buiksloterham PED werd geboren. Onder leiding van Centres of Expertise Urban Technology (CoE Urban Tech) en Urban Governance and Social Innovation (CoE UGSI) van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) werken onderzoekers vijf jaar lang aan deze nieuwe buurt, waar het energieverbruik gedekt moet worden door duurzame energie opgewekt in de buurt zelf. Waar staan we nu binnen dit Europese project, genaamd ATELIER, en welke kennis is er al opgedaan voor Europees belang?

Terwijl in Buiksloterham in Amsterdam-Noord de eerste steen is gelegd, zijn HvA-onderzoekers bezig met verschillende activiteiten in het project. De onderzoekers van CoE UGSI werken aan het vormgeven van het concept ‘energy citizenship’ en zullen de toekomstige bewoners van de PED betrekken in het onderzoek. Ook is een start gemaakt met het opzetten van PED Innovatieateliers binnen acht samenwerkende steden, verspreid over Europa. Elke stad richt een lokaal PED Innovatieatelier op voor de wijk. Dit lokale innovatie-ecosysteem tast samen de slimme oplossingen af op de lokale situatie, en het evalueert en ondersteunt de implementatie om het gebruik van PEDs in de stad te versnellen.

Next level samenwerken

Vanuit het perspectief van CoE UGSI, waar ze al veel ervaring hebben met multidisciplinair werken, is ATELIER next level samenwerken, vertelt Marije Poel, onderzoeker bij CoE UGSI. ‘Je ziet dat we echt goed van elkaar moeten begrijpen welke aspecten van een PED met elkaar te maken hebben en waarom: wat hebben bewoners nodig om straks te wonen in een energiepositieve wijk, zijn er technologische innovaties die vragen om nieuwe vaardigheden of kennis en gedrag van bewoners, en zal dit andere duurzamere gewoontes stimuleren? We weten nu na 1,5 jaar nog beter wat we vanuit de meer sociale kant willen en kunnen onderzoeken, en hoe dat ingrijpt op het gehele project. En daarmee ook hoe we het project straks willen evalueren op sociaal maatschappelijke impact.’

CoE Urban Tech richt zich onder andere op de impact-assessment door modellering van het energiesysteem. Zijn de PED-demonstratieprojecten echt energiepositief? Renée Heller, Lector Energie en Innovatie: ‘Wij werken aan de modellering van de Amsterdamse pilot en zijn complexe context. Daarnaast onderzoeken wij mogelijke toekomstige optimalisaties. Met studenten van onze minor Energiepositieve stad hebben we de eerste ideeën verkend over PEDs voor andere delen van Amsterdam-Noord waar geen ‘greenfield’ is (bij greenfield-projecten begin je met een volledig onontwikkeld gebied). De uitdaging is om het concept op te schalen naar zowel ‘brownfield’-situaties (gebieden die al enige ontwikkelingen hebben doorgemaakt) als andere steden.’

Europese samenwerking

Amsterdam werkt nauw samen met de Spaanse stad Bilbao (Lighthouse Cities), waar een vergelijkbare wijk als Buiksloterham wordt gebouwd. De andere betrokken steden (Fellow Cities) zijn Bratislava, Boedapest, Kopenhagen, Krakau, Matosinhos en Riga. Zij gaan later met de opgedane kennis en ervaring aan de slag, omtrent de ontwikkelde innovaties en technieken. Sara Rueda Raya (FME ) organiseert deze samenwerking: ‘De Fellow Cities zetten zich hard in voor het project; elke betrokken stad was aanwezig bij de eerste twee peer2peer-sessies. Het is echter moeilijk om sommige steden actief te laten deelnemen aan discussies en gesprekken. Ik voel enige afstand tussen bepaalde steden, wat te maken kan hebben met de taalbarrière. We moeten daarom verder werken aan community-building.’

Studenten betrokken en trainingen in ontwikkeling

De komende tijd ondersteunen studenten van de Universiteit van Utrecht het ATELIER-team door middel van een student consultancy-project over de PED Innovatieateliers. Daarnaast zijn er ook seminars en trainingen in ontwikkeling die aan de Fellow Cities gegeven zullen worden. Tenslotte is de HvA ook verantwoordelijk voor de evaluatie van de activiteiten en het project als geheel.

ATELIER is met haar inhoudelijke en organisatorische complexiteit en multidisciplinariteit een grote uitdaging, vertelt projectleider Mark van Wees. ‘Zeker omdat we als HvA overal de innovatie opzoeken. Soms denk ik dat we teveel hooi op onze vork nemen, maar meestal ben ik erg tevreden over het enthousiasme van ons HvA-team en de inbreng die we daarmee in het project hebben. De komende periode moeten we het ook echt gaan waarmaken.’

Meer informatie

Bij CoE Urban Tech zijn Renée Heller, Karen Williams, Rick Wolbertus, Viktoria Balla-Kamper, Shakila Dhauntal, en Mark van Wees betrokken. Het CoE UGSI-team bestaat uit Marije Poel, Beatriz Pineda Revilla, Loes Cremers, Stan Majoor, Willem van Winden, en Sara Rueda Raya.

Jochem Kootstra's picture #Energy
Amsterdam Smart City, Connector of opportunities at Amsterdam Smart City, posted

DRIFT and Amsterdam Smart City find each other in partnership

Featured image

Research institute DRIFT, the Amsterdam Economic Board and Amsterdam Smart City have been working together for some time now. So it only seemed logical to make this union structural.

DRIFT develops and shares transition knowledge with innovative methods and academic training sessions and gets involved in the public debate. ‘Both at DRIFT and within the network of Amsterdam Smart City, we see opportunities and the necessity to change towards a sustainable society. We are happy to enrich this network with our specific knowledge and experience. But also to learn how to shape these kind of new collaborations. The open, learning approach really appeals to us,’ says Gijs Diercks, senior researcher and advisor at DRIFT.

Leonie van de Beuken: 'We are very happy that DRIFT is structurally committed to the Amsterdam Smart City network. We share a passion for empowering others to actively engage in transitions. From residents to entrepreneurs to governments. This way we can achieve tangible results. The knowledge and experience that DRIFT brings in this area is a wonderful addition to our network.'

Wicked Problems; the underlying barriers within transitions

For some time DRIFT has already been part of the team with partners that is developing an approach to tackle so-called 'wicked problems' better together. An approach aimed at revealing and breaking down underlying barriers within transitions. We use new methods for this and connect what we encounter in the implementation with the strategic level.

Picture credit: Edwin Weers

Amsterdam Smart City's picture #CircularCity