Melchior Kanyemesha

Activity

  • 25
    Updates
  • 22
    Smarts
  • 4
    Comments
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Utilize residual heat of data centers

Amsterdam builds more and more data centers. These data centers use up alot of electricity, but also provide a lot of heat. The innovation team of the City of Amsterdam is gathering information concerning how we can use this residual heat for both existing and new buildings. And now we're asking the ASC community for input!

How can we utilize the heat data centers produce? Do you have some inspiring ideas or examples?

Kind regards,
Melchior

Melchior Kanyemesha's picture #Energy
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Energy Innovation Blog #9: OMONS

Featured image

Dear Smart people of Amsterdam,

Every week I present the community with one of the smart energy solutions that I came across during conversations I have with innovators. These solutions may help Amsterdam realise the energy transition in a more effective or efficient manner.

For the nineth post in this blog I will focus on a digital tool for collaboration and decision-making. Creating a futureproof, green and selfsufficient energy system in the city of Amsterdam isn't something that can be implemented top-down. It will only be achieved by working together with citizens. But how can the largest city in the Netherlands involve all her inhabitants in the energy transition? Alliander DGO present a key ingredient in realising citizen involvement: OMONS (In Dutch)

Hoe werkt de oplossing?

OMONS is een digitaal hulpmiddel voor het realiseren van bewonersparticipatie in de energietransitie. Het is erop gericht om bewoners samen met hun gemeente te laten besluiten over de nieuwe energievoorziening in hun buurten. OMONS geeft inzicht in de mogelijke energiemaatregelen die per woning beschikbaar zijn en laat zien wat dit betekent voor de gehele buurt. Het maakt op individueel en collectief niveau duidelijk wat de gezamenlijke impact is van bepaalde oplossingen voor energie opwekking, de mate van energiebesparing en ook bepaalde type infrastructuur. Door bewoners hun eigen voorkeuren en behoeften te laten aangeven, hoopt OMONS bij te dragen aan draagvlak, betrokkenheid en bewustwording.

Het platform kent een aantal functionaliteiten. Ten eerste is er de woningwizard en maatregelenatlas. Die stelt bewoners in staat om hun eigen woning en energieverbruik in te laden in OMONS. Dit kan eenvoudig, om even gauw een beeld te krijgen, maar ook gedetailleerd, waarbij je een stuk meer informatie moet geven. Ten tweede is er het buurtoverzicht. Het buurtoverzicht maakt onder meer duidelijk hoe duurzaam de eigen situatie is in vergelijking tot die van de buurt. Hier kunnen bewoners voor zowel henzelf, als voor de buurt inzicht krijgen in het elektriciteits- en gasverbruik, de geïmplementeerde of overwogen maatregelen en de financiële situatie, bijvoorbeeld de terugverdientijd. Ten derde biedt OMONS een communicatietool. Hier kunnen bewoners vragen te stellen aan elkaar, aan de gemeente of een aangestelde buurtcoördinator. Via deze tool wordt bijvoorbeeld ook gedeeld wanneer een keuze gemaakt moet worden, of worden bewoners op de hoogte gehouden van het proces en de voortgang in de buurt.

Hoe draagt het bij aan de energiedoelstellingen van Amsterdam?

De energietransitie draait om samenwerking tussen gemeenten, bewoners, publieke én private partijen, tijdens een periode van onduidelijkheid, twijfel en onzekerheden. Dit is voor alle organisaties en bedrijven zoeken en soms even schuren, maar met name in relatie tot bewoners gaat dit vaak mis. Bewoners kunnen natuurlijk niet als één groep worden aangesproken. Doorgaans is er enige vorm van samenwerking met gemotiveerde en enthousiaste bewoners die als koploper te boek staan. Echter raakt de energietransitie alle bewoners binnen en buiten Amsterdam. En hoewel niet iedereen dezelfde mate van betrokkenheid verlangt, is een goede relatie met verschillende bewoners nodig om de transitie tot een succes te brengen. Weerstand, verhoogde kosten en zelfs desinvesteringen liggen op de loer, wanneer onvoldoende wordt samengewerkt met bewoners.

OMONS stimuleert de noodzakelijke samenwerking tussen gemeenten en bewoners. Denk bijvoorbeeld aan wat er voor nodig is om in Amsterdam een warmteplan per buurt op te stellen. Daarvoor moet bekend zijn wat de opties tot verduurzaming zijn met de bestaande energie infrastructuur en van infrastructuur die nog moet worden aangelegd. En wat die opties zijn, is ook afhankelijk van aanwezige energiebronnen zoals restwarmte, de energiebehoefte van gebouwen of hoeveel energie er lokaal kan worden opgewekt. Wil je als bewoner een volledig elektrische warmtevoorziening, dan moet het elektriciteitsnet daartoe berekend zijn en zal je woning wellicht beter geïsoleerd moeten worden. Dit geeft vragen over de financiering, de planning en doorlooptijd, de uitvoering, de alternatieven, of eventuele haken en ogen. En misschien nog wel het belangrijkste: wat willen de buren eigenlijk? OMONS helpt om op al deze aspecten helderheid te verschaffen. Dit vergroot het draagvlak tot verduurzaming en zorgt ervoor dat er in Amsterdam per gebied sneller de juiste keuzes worden gemaakt.

Wat is er nodig om deze oplossing te implementeren?

Om OMONS in te zetten moet er op voorhand een hoop informatie bekend zijn over de mogelijke energieoplossingen in een gebied. Wat zijn de kansen voor zon, geothermie, restwarmte, groengas, etc.? Dit vereist betrouwbare gegevens. Bewoners die een bepaalde keuze maken, moeten die keuze namelijk ook kunnen uitvoeren. Veel informatie die nodig is voor het verduurzamen van een gebied is verspreid onder verschillende partijen. Bijvoorbeeld inzicht in gepland onderhoud en renovatie, kaveluitgifte of andere ontwikkelingen in een gebied. Daarnaast loont het om bijvoorbeeld de gegevens van energie innovaties die in deze blogreeks behandeld zijn, in te laden in het platform. Het bij elkaar brengen en open delen van data is een belangrijke voorwaarde om een tool als OMONS zo effectief mogelijk te kunnen benutten.

Verder is het voor deze oplossing nodig dat de gemeente Amsterdam open staat voor directe participatie en betrokkenheid van haar bewoners. OMONS werkt niet als er vooraf een plan is gemaakt waar niets meer uit te kiezen valt. Het is belangrijk om vooraf te bepalen hoe de output van het platform ingezet gaat worden. Welke spelregels spreek je met elkaar af? Waar laat de gemeente bewoners wel over mee beslissen en waarover niet? Hoeveel zeggenschap krijgen huurders? Bovendien zal per buurt lokale betrokkenheid aangewend moeten worden om een gebiedsteam aan te stellen. Een team van trekkers dat weet wat er speelt in het gebied en beschikbaar is voor vragen en steun. Bewonersparticipatie betekent in die zin ook dingen loslaten. De gemeente zal een rol moeten aannemen waarin het de kaders en randvoorwaarden schets waarmee de stad autonoom en organisch het gewenste einddoel kan bereiken.

Wat vindt de Community? Hoe kijken jullie aan tegen bewonersparticipatie in de energietransitie? Leidt betrokkenheid van en samenwerking met bewoners tot meer versnelling of is het efficiënter om top-down besluiten te nemen?

Melchior Kanyemesha's picture News
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Energy Innovation Blog #8: H2-Fuel

Featured image

Every week I present the community with one of the smart energy solutions that I came across during conversations I have with innovators. These solutions may help Amsterdam realise the energy transition in a more effective or efficiënt manner.

For the eigth post in this blog, I will focus on hydrogen. More specifically an innovation that allows hydrogen to be stored and moved safely, without losing energy efficiency. A ground breaking technology that might finally make the great promises of hydrogen a reality. You might want to remember the name: H2fuel (In Dutch).

Hoe werkt de oplossing?

H2fuel is een technologie waarmee waterstof op relatief eenvoudige wijze kan worden opgeslagen. Waterstof is een bekende duurzame energiedrager, maar het is moeilijk om op te slaan of te vervoeren. Om waterstof op te slaan worden doorgaans twee methodes gebruikt. De eerste is om de waterstofgas onder hoge druk (minimaal 350 bar) samen te persen in een tank. Waterstofgas is echter hoog explosief, wat deze methode gevaarlijk maakt. De tweede is om waterstof vloeibaar te maken door deze op extreem lage temperatuur te brengen (ongeveer min 253 graden Celcius). Dit kost echter zoveel energie dat dit niet rendabel is. Beide opties zijn bovendien enorm duur. Een alternatief is om waterstof als poeder op te slaan. Dit wordt gedaan door waterstof op te lossen in soort zout, genaamd natriumboorhydride. Deze techniek is al langer bekend, maar was oninteressant, omdat er zeer beperkt energie uit het poeder te halen was.

Onderscheidend aan H2fuel is het gebruik van ultra puur water, dat een veel hogere energieopbrengst realiseert. Ultra puur water is water zonder ionen, en dat wordt tezamen met waterstof aan natriumboorhydride gebonden. In de verbranding van deze combinatie komt niet alleen energie uit de waterstof vrij, maar ook dezelfde hoeveelheid energie uit het water. Hiermee claimt H2fuel een rendement te realiseren dat 98% is van het theoretisch haalbare. Het restproduct, 'spent fuel' genoemd, is na verbranding opnieuw te gebruiken als natriumboorhydride. Dit proces wordt ook wel het uitpakken en inpakken van waterstof genoemd. Hierbij vormt de natriumboorhydride combinatie met ultra puur water de verpakking en waterstof als het ware het cadeautje.

Hoe draagt het bij aan de energiedoelstellingen van Amsterdam?

Waterstof is interessant, omdat het een ontzettend schone en efficiënte brandstof is. Het geeft twee tot drie keer meer energie dan de meeste andere gangbare brandstoffen. Bij eenzelfde hoeveelheid groengas als waterstof, kun je daarom in principe langer doen met waterstof. Ook haal je meer energie uit waterstof dan uit een accu (Lithium-ion batterij) van hetzelfde volume. Dit maakt dat voertuigen die op waterstof rijden lange tijd de toekomstdroom zijn van de mobiliteit- en logistieksector. Bovendien is de aanwezigheid van lithium voor accu's en batterijen eindig, en dat van waterstof niet.

H2fuel zit op dit moment in om de scheepvaart, het lange afstandsvervoer en de chemische industrie te verduurzamen. Waterstof is voor scheepvaart en het lange afstandsvervoer aantrekkelijk, omdat het een significant grotere actieradius kan bieden dan een accu. De kracht van H2fuel is daarbij dat de bestaande infrastructuur kan worden benut die nu wordt ingezet voor fossiele brandstoffen. Havens vormen bovendien een ideale plek als opwaardeerstation van het spent fuel. Dit komt doordat de aanwezige industrie nabij havens doorgaans waterstof produceert. Met name in chemische processen heeft waterstof veelvuldig een rol. De chemische industrie is samen met de farmaceutische industrie ruimschoots de grootste industriële energieverbruiker. Deze energie komt nu van stoom wat wordt opgewekt met het stoken van aardgas. Dit maakt het interessant voor H2fuel om de chemische industrie te verduurzamen. Echter blijft ook dan de vraag, waar halen we de energie vandaan om waterstof te produceren?
Wat is er nodig om deze oplossing te implementeren?

De strategie om waterstof te produceren zit in het benutten van de zon- en windenergieoverschotten. Hierbij wordt de energie uit zon en wind effectief opgeslagen in waterstof. Dit is echter niet de enige manier om de overschotten te benutten. De overschotten kunnen bijvoorbeeld worden opgeslagen in batterijen en accu's, of worden benut om groen gas of warmte te produceren. Een andere manier is om de vraag van energie anders te verdelen. Bekend is het voorbeeld om wasmachines 's nachts of juist overdag te laten draaien. Een ander voorbeeld is om juist de industrie te laten produceren op momenten dat de energievraag in de rest van het land beperkt is. Amsterdam heeft op dit moment geen masterplan energieoverschot. We weten dus eigenlijk helemaal niet goed wat we in onze stad willen doen met overschotten. Dit geeft een risico voor innovaties als H2fuel. Om deze oplossing te implementeren heeft Amsterdam daarom allereerst een visie energieoverschotten nodig.

Wat vindt de community? Hoe kijken jullie aan tegen de ontwikkelingen van waterstof? Is er voldoende toegevoegde waarde voor de stad, of draagt het slechts bij aan de versnippering van onze energievoorziening door hier meer op in te zetten?

Melchior Kanyemesha's picture News
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Energy Innovation Blog #7: Plant-E

Featured image

Dear Smart people of Amsterdam,

Every week I present the community with one of the smart energy solutions that I came across during conversations I have with innovators. These solutions may help Amsterdam realise the energy transition in a more effective or efficiënt manner.

For the seventh post in this blog, I will focus on a new type of green electricity. When thinking of green electricity, we often picture wind energy or solar energy. Some might even mention hydraulic energy. What about electricity made by plants? That's what Plant-E is all about. It's a more literal take on the definition of green energy (In Dutch).

Hoe werkt de oplossing?
Plant-E wekt elektriciteit op via het natuurlijke proces van fotosynthese. Planten gebruiken zonenergie om via fotosynthese organisch materiaal te produceren. Planten groeien door een groot deel van dit organisch materiaal. Er is echter ook een deel dat niet wordt gebruikt en via wortels de grond wordt ingebracht. In de grond leven bacteriën die het organisch materiaal afbreken. Daardoor komen elektronen vrij die eigenlijk als restproduct worden achter gelaten. Plant-E heeft koolstofelektroden ontwikkeld die in de grond worden gezet om de elektronen te kunnen ontsluiten. Dit werkt alleen als één van de elektroden (de anode) in zuurstofloze toestand is en de andere elektrode (de kathode) in zuurstofrijke toestand wordt gebracht. Om dat te bereiken is het nodig dat de wortels van de planten onder water staan. Zo vormt zich de uiteindelijke plantenbatterij. Plant-E maakt op deze manier slim gebruik van de energie die planten en bacteriën achterlaten om daarmee elektriciteit op te wekken.

De plantenbatterij van Plant-E komt in verschillende smaken. Ten eerste hebben ze modulaire plantenbakken waar de technologie van Plant-E in is verwerkt. Dit wordt beschreven als 'de planten naar de technologie brengen'. Nadeel is dat dit relatief veel ruimte inneemt en dat de plantenbakken een gezette diepte kennen. Ten tweede heeft Plant-E hun technologie verwerkt in een soort slang die makkelijk in de grond kan worden aangebracht. Met dit concept brengen ze 'de technologie naar de planten'. Op deze manier blijft bestaande natuur intact, maar kan het ook dienen als energiebron zolang deze natuur maar in een natte of moerasachtige omgeving groeit. Ten derde biedt Plant-E een Do-it-Yourself pakket. Dit is vooral gericht op het creëren van een groen bewustzijn door op een laagdrempelige manier te laten zien hoe en dát de plantenbatterij werkt.

Hoe draagt het bij aan de energiedoelstellingen van Amsterdam?

Plant-E verrijkt onze elektriciteitsopwekking op de meest groene manier mogelijk. Daarentegen is de opbrengst van de plantenbatterij beperkt. De exacte opwek is afhankelijk van het product en de configuratie, maar is significant minder dan een standaard zonnepaneel. De kracht van een plantenbatterij is echter dat het 24 uur per dag elektriciteit levert. Op deze manier vergroot Plant-E de leveringszekerheid van groene energie. Daarnaast breken planten CO2 af, terwijl ze groeien. Hierdoor is de plantenbatterij de enige vorm van elektriciteitsopwekking die CO2-negatief is.

Een groot voordeel van Plant-E is dat het ons in staat stelt om veel bestaand groen in te zetten voor duurzame energie, zonder kannibalisatie. Denk bijvoorbeeld aan de vele sloten en plassen die Nederland rijk is. Of de moeras- en veengebieden. Al dit soort ruimte kan in potentie door Plant-E worden benut om zowel decentraal als centraal energie op te wekken. Zonder kannibalisatie betekent dat dit geen afbreuk doet aan de bestaande functie, zoals aan het natuurlijke ecosysteem. Ook levert een plantenbatterij geen gezichtsvervuiling op. Sterker nog, Plant-E leert ons bestaande ruimte beter te waarderen en slimmer in te zetten. Het brengt functiestapeling. Natte natuur krijgt een verdienmodel.

Wat is er nodig om deze oplossing te implementeren?
We zouden bij groot onderhoud, transformatie of uitbreiding van groene ruimten het installeren van een plantenbatterij standaard moeten overwegen. Dit betekent, zoals bij veel innovatie in energie, een nieuwe kijk en inbedding in het plan en besluitvormingsproces van ruimtelijke ontwikkeling. Die nieuwe kijk moet gaan over functiestapeling en de inbedding begint bij experimenteren en doen. Plant-E maakt dit duidelijk in een pilot waarin ze een plantenbatterij in de berm langs snelwegen plaatsen. Dit wordt inmiddels langs de N470 en de N211 getest. Een berm heeft primair wegenbouw- en verkeerskundige functies. Plant-E voegt daar dus energieopwekking aan toe. Dit kan enorm bruikbaar zijn voor lichten, sensoren of camera's die aan de snelweg worden geplaatst. De berm verrijkt daarmee haar functie.

Om inbedding te stimuleren kunnen kaders erg bruikbaar zijn. Zo kan Plant-E één van de ingrediënten zijn in een nieuw type energielandschap. De energielandschappen die we nu kennen zijn dominant industrieel. Zonne- en windparken zijn hier duidelijke voorbeelden in. Het uiterlijk daarvan is erg gebonden aan de energiefunctie. De kannibalisatie die daarbij optreedt, energie ten koste van natuur, rekent nog altijd op flinke weerstand. Plant-E is echter een voorbeeld van hoe energie en natuur gecombineerd kunnen worden. Dat geeft inspiratie voor nieuwe ruimtelijke ontwerpen, experimenten, en meer discussie over hoe we om willen gaan met de ruimte die we hebben. Het resultaat daarvan moet een nieuwe visie zijn van hoe Amsterdam, de MRA, Nederland, haar landschap voor de toekomst gaat invullen. Innovaties als Plant-E krijgen dan op logische wijze vanzelf een plek.

Wat vindt de Community? Is functie-stapeling zoals Plant-E een goede manier om de energietransitie in te vullen? Of zijn we toch beter af door te investeren in oplossingen die slechts één functie toelaten, maar wel een enorm hoog rendement kennen?

Melchior Kanyemesha's picture News
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Energy Innovation Blog #6: PowerNEST

Featured image

Every week I present this community with one of the smart energy solutions that I came across during conversations I have with innovators. These solutions may help Amsterdam realise the energy transition in a more effective or efficiënt manner.

We continue the focus on solar panels. And once again there is a twist. Ever wondered why we can't combine generating wind and solar energy in a single machine? Well you can, and that's exactly what Alexander Suma of IBISPower created. A small windturbine with solarpanels on top of it. It's called the PowerNEST (In Dutch).

Hoe werkt de oplossing?

PowerNEST combineert de opwek van wind- en zonenergie. Dit is mogelijk door een speciaal ontworpen windturbine die op daken geplaatst kan worden. De installatie bestaat uit een aerodynamische windsluis die een groot volume aan wind naar binnen leidt. De wind voert door een trechtervormige gang waardoor de windsnelheid omhoog schiet. Bij de hoogste snelheid wordt de wind door een verticale-as-turbine gebracht. Hiermee wordt uiteindelijk windenergie opgewekt. Het ontwerp zorgt ervoor dat dit al bij zwakke wind kan. Je moet dan denken aan een snelheid van 2 meter per seconde (of zo'n 5 knopen). De installatie is overdekt en zowel bovenop, als aan de achterkant, staan zonnepanelen.

De PowerNEST is vrij groot. Dit creëert een aantal uitdagingen, maar lost er ook een paar op. Qua formaat is de PowerNEST 7,2 meter breed, 10,8 meter lang en gaat 4,9 meter de hoogte in. Hierdoor is het ontwerp zichtbaar en aanwezig in het straatbeeld. Daarbij is het gewicht behoorlijk, het weegt in totaal zo'n 9.000 kilo. Dit maakt het vooral een optie voor beton- en hoogbouw. Aan de andere kant kunnen bestaande installaties op het dak blijven staan. De installatie wordt er simpelweg overheen gebouwd. Dat zorgt er tevens voor dat er met de PowerNEST in totaal meer zonnepanelen op een dak passen. Daarnaast is het mogelijk om de constructie iets over het dak heen te plaatsen. Dit geeft de nodige flexibiliteit met het plaatsen en vergroot in essentie het dakoppervlak nog verder.


Hoe draagt het bij aan de energiedoelstellingen van Amsterdam?

De PowerNEST is een slimme manier om onze elektriciteitsopwek voor beton- en hoogbouw te vergroten. Zoals ik in mijn vorige blog noemde, heeft Amsterdam relatief weinig dakoppervlakte per bewoner. Hierdoor is de totale elektriciteitsvraag van gebouwen vaak vele malen hoger dan er 'traditioneel' via daken kan worden opgewekt. Dit is waar de PowerNEST het verschil maakt. Ibis Power stelt dat het minstens 10 verdiepingen in één klap volledig zelfvoorzienend in hun elektriciteitsbehoefte kan maken. Dat resulteert in zo'n 6 keer meer energie op hetzelfde dak.

Dankzij de combinatie van wind en zon wordt bovendien niet alleen veel meer opgewekt, maar het creëert ook een constantere energietoevoer. Dat kan nog eens heel goed van pas komen. In de nabije toekomst hebben we geen fossiele brandstoffen meer in onze stad. Dat betekent dus ook dat we grootschalige opwek van elektriciteit minder goed on demand kunnen beheersen. De zon schijnt immers niet de hele dag. Dat maakt balanceren, het in evenwicht brengen van vraag en aanbod, erg belangrijk. PowerNEST maakt dit makkelijker, doordat het eigenlijk de kans op energie opwek vergroot. Met wind en zon sámen is er vaker energie beschikbaar. De PowerNEST kan dus bijdragen aan de toekomstige leveringszekerheid van elektriciteit.
Wat is er nodig om deze oplossing in Amsterdam te implementeren?

Waar IBISPower vaak tegenaan loopt, is regelgeving. Bijvoorbeeld een beperking van de gebouwhoogte. De PowerNEST valt onder de regelgeving van installaties op het dak. Installaties zijn vrij om te plaatsen, mits ze de toegewezen gebouwhoogte niet overschrijden. Hier gaat het al snel mis. Ook het welstandsbeleid is niet altijd gunstig voor de PowerNEST. Zoals eerder benoemd is de installatie niet te missen en dat breekt als snel met het straatbeeld. Dit zijn punten die deze innovatie in de weg zitten, maar ook punten die niet zonder reden zijn bedacht. Deze regelgeving heeft als doel om de oorspronkelijke schoonheid van Amsterdam zo veel mogelijk te behouden. De vraag is hoelang dat op deze manier houdbaar is. Een oplossing kan zijn om een nieuwe visie voor het Amsterdamse stadsgezicht te ontwikkelen. Eentje die het welstand behoudt, maar die ook innovaties de kans geeft om daar deelgenoot van te worden. Een progressieve visie op de kwaliteit van onze leefomgeving zou iets zijn waar we op een mooie manier samen heen kunnen groeien. Dit hoeft uiteraard niet te betekenen dat de PowerNEST op een grachtenpand geplaatst moet kunnen worden, maar gelukkig is het daar toch veel te zwaar voor.

Wat vindt de Community? Is de tijd rijp voor een nieuw welstandsbeleid? Kunnen we oude glorie in ere houden met nieuwe technologie? En kunnen we dat nu eigenlijk wel zeggen, of moeten we het eerst gewoon zien?

Melchior Kanyemesha's picture News
Melchior Kanyemesha, Programmanagement + Energy Lead at Amsterdam Smart City, posted

Energy Innovation Blog #5: ZigZagSolar

Featured image

Every week I present this community with one of the smart energy solutions that I came across during conversations I have with innovators. These solutions may help Amsterdam realise the energy transition in a more effective or efficiënt manner.

This time we focus on solar panels (which are hardly an innovation anymore). However, the innovation in this case, is the design. A design that allows solar panels to be placed in the facade of a building. The team of ZigZagSolar presents us: ZigZagSolar. (In Dutch)

Hoe werkt de oplossing?
ZigZagSolar is een systeem van geïntegreerde zonnepanelen dat op gevels kan worden geïnstalleerd. De constructie is in een zigzag vorm verwerkt. Dit bestaat uit een herhaling van een lang vlak dat dient voor decoratie en zonreflectie, en een korter vlak waar de zonnepanelen in geplaatst zijn. Vanwege de hellingsgraad van deze vlakken wordt de lichtinstraling van de zon zowel direct als via reflectie door de zonnepanelen opgevangen. De vorm zorgt ervoor dat zelfs wanneer de zon lager staat, bijvoorbeeld in de winter, het systeem voldoende energie levert. Dit in tegenstelling tot de 'klassieke' zonnepanelen op het dak die veel vlakker worden geplaatst, maar daardoor bij lage zon juist minder goed werken. ZigZagSolar weet de lichtinstraling maximaal te benutten en daar optimaal rendement uit te halen.

ZigZagSolar is vervanging van het buitenblad van de gevel, die regenwerend en geventileerd, tevens als thermische isolatie dient. Wat betreft esthetiek is het vernuftige aan deze oplossing dat de eerder genoemde decoratieve vlakken het gevelbeeld bepalen. Deze kunnen worden geleverd in elke gewenste kleur en kan uit verschillende materialen bestaan. Denk bijvoorbeeld aan hout, metaal, glas, of keramiek. Op deze manier kan ZigZagSolar goed worden aangepast aan de karakteristieken van een gebouw en haar omgeving. Daarmee blijft de ruimtelijke kwaliteit van Amsterdam behouden.

Hoe draagt het bij aan de energiedoelstellingen van Amsterdam?
Zelfs wanneer Amsterdam alle daken volledig bedekt met zonnepanelen, kunnen we daarmee niet genoeg elektriciteit opwekken om in onze huidige totale vraag te voldoen. Laat staan die van de toekomst. Dat betekent dus energie besparen, maar ook nieuwe manieren zoeken voor energieopwekking. De Amsterdamse gestapelde bouw biedt daarin een uitdaging. We hebben relatief weinig dakoppervlakte per bewoner. Aan de andere kant heeft onze hoogbouw doorgaans een lege (zij)gevel. Daar speelt ZigZagSolar slim op in.

ZigZagSolar is een oplossing om de opwekcapaciteit van hoogbouw te vergroten. Daarin is het een stuk effectiever dan het verticaal plaatsen van zonnepanelen aan de gevel. ZigZagsolar biedt een opbrengst van 126% ten opzichte van zonnepanelen op het dak. In vergelijking geven verticale zonnepanelen aan de gevel slechts een opbrengst van 66%. Dit is geheel dankzij de slimme constructie en vorm. Verticaal hangende zonnepanelen missen de noodzakelijke hellingshoek om een heel hoog rendement te behalen.

Wat is er nodig om deze oplossing in Amsterdam te implementeren?

Om van Amsterdam een circulaire stad te maken, moeten we nieuwe functies toekennen aan bestaande onderdelen in de stedelijke omgeving. In toenemende mate worden we collectief bewust dat lege daken zonde zijn en dat er helemaal niet zoiets bestaat als afval. We krijgen een nieuwe kijk op bepaalde zaken. Zo zullen we ook heel anders moeten kijken naar gevels. We zijn gewend dat zijgevels van flatgebouwen doorgaans sober en kaal zijn. Dat biedt een bepaalde esthetische waarde en kan een bepaalde rust creëren in een omgeving. ZigZagSolar laat echter zien dat je design en functie ook voor gevels goed kan combineren. Zo halen we meer uit onze stad.

Het is niet alleen in de bestaande bouw van Amsterdam waar deze oplossing toegevoegde waarde biedt. Al ligt dat natuurlijk wel voor de hand. Er zijn in de huidige situatie voldoende gallerij- en portiekflats die moeten worden verduurzaamd. Juist ook voor de ontwikkeling van nieuwe gebieden is het belangrijk om de mogelijkheden van energieopwekking via gevels mee te nemen. Daarvoor is nodig dat architecten, planologen, vastgoedeigenaren en ingenieursbureau op de hoogte zijn van innovaties zoals ZigZagSolar. Daarnaast vergt het ruimte om te kunnen en te mogen experimenteren. Maar bovenal vraagt het lef. Lef om de leefruimte van Amsterdam zichtbaar circulair in te kleuren.

Wat vindt de Community? Hoe zouden jullie het vinden als Amsterdam haar kale gevels bedekt met ZigZagSolar? Zijn we bereid om het uiterlijk van de stad aan te passen aan de benodigdheden van de energietransitie?

Melchior Kanyemesha's picture News