#CO2 neutral living
News

Topic within Energy
Jeroen Sipman, Liaison of the Province of Noord-Holland at Province of Noord-Holland, posted

Restwarmte Noord-Hollandse industrie kan hele provincie verwarmen

Featured image

De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied heeft in opdracht van de provincie Noord-Holland onderzoek gedaan naar de hoeveelheid beschikbare restwarmte in de Noord-Hollandse industrie. Het onderzoek geeft een eerste indicatie van hoeveel warmte er in Noord-Holland nu nog via industriële schoorstenen de lucht in gaat en hoeveel warmte er via het koelwater op het oppervlaktewater wordt geloosd. Met deze gegevens kunnen gemeenten en warmtebedrijven hun plannen voor nuttig hergebruik van restwarmte verder vormgeven.

Bijna alle relevante bedrijven in beeld
65 bedrijven in onder meer de energiesector, de chemische- en voedselindustrie, en afvalverwerkende bedrijven zijn meegenomen in het onderzoek. Deze bedrijven zijn verantwoordelijk voor meer dan 95 procent van de potentiële restwarmte. Hiermee zijn dus nagenoeg alle relevante industriële bedrijven in Noord-Holland in beeld. Of de warmte daadwerkelijk gebruikt kan worden voor verwarming van woningen is afhankelijk van onder meer de temperatuur en de afstand tot een warmtenet.

Gratis ophalen
Per 2022 komt er met de Wet Collectieve Warmtevoorziening een stimulans voor het gebruik van restwarmte in de gebouwde omgeving: producenten van restwarmte moeten deze dan gratis beschikbaar stellen aan energiebedrijven.

Jeroen Sipman's picture #Energy
Joren Bassant, Journalist , posted

De deelstep komt eraan! Geofencing, dropzones en ‘eigenaarschap’ moeten hem temmen.

Featured image

Vanaf medio volgend jaar mogen elektrische deelsteps de Nederlandse weg op. Dat is leuk voor stepfanaten, maar gemeenten kijken met argusogen naar de ontwikkeling. Want in Europese steden zorgen de steps voor veel overlast. Welke middelen kan je als gemeente inzetten om rommelig geparkeerde stepjes en ongelukken te voorkomen?

#Mobility
Audrie van Veen, International Strategic Advisor at Amsterdam Economic Board, posted

Regional Green Deals presented at EU 100 Intelligent Cities Challenge and EU Blueprint for Local Green Deals published

Featured image

The Regional Green Deals of the Metropolitan Region Amsterdam were presented by Frank Weerwind, Mayor of Almere at the Mayor’s Summit of the 100 Intelligent Cities Challenge. Together with the Amsterdam Economic Board and Amsterdam Smart City, the Metropolitan Regio Amsterdam acts as a mentor region for the 100 European cities who participate in the challenge to work together on their ambitions for the digital and green transition.

For cities that want to work with their stakeholders on ambitious green deals the European Commission now published a practical guide titled Local Green Deals, A Blueprint for Action.

Find the speech by Mayor Weerwind below

22 June 2022

Honorable guests, ladies and gentlemen,

It is a great pleasure and honor to me to be invited to the Mayors’ Summit of the 100 Intelligent Cities Challenge,  and I am very excited to share with you some of my thoughts on the green and digital – or  twin – transition in the cities and regions of Europe. I also would like to express my gratitude to the European Commission and the Committee of the Regions for organizing this event on Green Deals and for launching the 100 Intelligent Cities Challenge. By doing this, you recognize the power of cities in the twin transition, you see the need for support for cities to make this transition happen and by this programme, you facilitate the network that cities can create.

My own city is Almere, a new town near Amsterdam and just 45 years old: it was created from scratch on reclaimed land from the sea, and is now a vibrant city with over 215.000 inhabitants. It is a city without ancient history and traditions, but a young city with a strong pioneering spirit, where there is space to experiment and to test innovative solutions in living labs. Our living lab approach has resulted in various circular and sustainable energy innovations in the city, for example: a smart thermal grid for the new Hortus neighborhood. The living lab approach has also led to the choice for Almere as the location for the World Expo on Horticulture in 2022, the Floriade, which will showcase innovations on greening, feeding, healthying and energizing cities, under the umbrella off Growing Green Cities.  The twin transition is evidently a core aspect in this event. I will take this opportunity to invite you all to visit the expo next year in Almere.

But this morning I represent not only Almere but the Metropolitan Region Amsterdam, a region consisting of 32 municipalities and two provinces. An economically strong region in Europe with a high quality of life, an international hub with a huge amount of talent, knowledge, innovation and businesses. The Metropolitan Region Amsterdam is one of the so-called mentors in this programme, because we believe in sharing our vision with other cities in terms of knowledge and innovation, but, please, let me assure you that our ‘success’ story has been established, due to knowledge and innovation coming from the cooperation between cities. My aim for now is to continue the dialogue with you on the issues that we are sharing together.

As many of your regions, our region, with an economy highly defined by tourism and services industries, was hit hard by COVID-19. Therefore, we decided at an early stage to investigate, together with knowledge institutions and the business sector, how we could aim for green recovery. We felt more was needed, besides the required regional energy strategies, investing in our energy backbones, which nowadays also include a hydrogen-infrastructure, and ongoing European energy transition projects such as Atelier. We asked the Amsterdam Economic Board to organise this investigation, since they act independently and aim for connecting the companies, research and education institutes and governments in our region. Facing such an unprecedented crisis, we did not want to do this as governments alone, but together with all relevant stakeholders. And, my fellow Mayors, that is a lesson I want to share with you: don’t do it alone.

Based on interactive stakeholder sessions and scenario-planning, we started a trajectory towards green recovery, resulting so far in 3 Regional Green Deals and with these deals, extra focus on skills for sustainable jobs. The Green Deals are: making the textile value chain circular, developing the region as a innovative bicycle hotspot and -for the Netherlands this is really innovative- increase the amount of new-build houses in timber to 20% of the total of new residential building activity.

As a result of those Local Green Deals, we invest faster and more effectively in the economy of today and tomorrow. The aim is to anticipate on changing jobs and the necessary skills, to fill existing and future vacancies and to achieve greater well-being and prosperity in the long term. And that is what we wish for the whole of the European Union.

To conclude, I would like to compliment you with your efforts in the 100 Intelligent Cities Challenge. And please feel free to take a closer look into the work of the Metropolitan Region Amsterdam and to learn, copy the elements that would benefit you, but also to bring your knowledge to us, for example via our online platform Amsterdam Smart City. That way, together we advance in the European twin transition. And move forward to the digital, inclusive and sustainable future of our cities.

Audrie van Veen's picture #CircularCity
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Hoe gaan we om met steeds hetere zomers?

Featured image

5 publicaties over hittebestendig inrichten van steden, met behulp van burgers

Van hitterecords in de laatste zomers tot uitgedroogde parken. De effecten van de opwarming van het klimaat worden steeds beter zichtbaar. Vanaf 2020 zijn Nederlandse gemeenten aan zet om straten en wijken te toetsen en in te richten op hittebestendigheid (Deltaprogramma, 2018). En ook de burger wil er graag de vinger op leggen. Wat kunnen zij samen bereiken? Lees voor inspiratie 5 publicaties van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) over hittebestendig inrichten van steden en woningen.

Een koele kijk op de inrichting van de buitenruimte

De hete zomers maken het leven in de stad steeds vaker onaangenaam en hebben gevolgen voor vele aspecten van ons leven. De HvA schreef samen met partners een adviesrapport om het dagelijks leven buitenshuis tijdens hete dagen te verbeteren. Van hittekaarten en interactieve mindmaps om de hitteopgave van de stad zichtbaar te maken, tot concrete ontwerprichtlijnen die gemeenten en professionals in wijken en straten kunnen inzetten. Lees over een koele kijk op de inrichting van de buitenruimte.

Hitteproef in woningen

Wat is de koelbehoefte van woningen en welke factoren zijn van invloed op oververhitting binnenshuis? Tijdens de hittegolf van 2020 zijn metingen verricht naar de ontwikkeling van de binnentemperatuur in 11 woningen verspreid over 5 locaties (Groningen en Amsterdam). Bewoners is gevraagd gedurende de metingen een handelingsdagboek bij te houden om inzicht te krijgen in het effect van bijvoorbeeld het sluiten van zonwering of openen van een raam; overdag en ‘s avonds. Hoe ervaart de bewoner hitte in huis? Lees over de resultaten van koelbehoeften in woningen.

Praktijkonderzoek hitterichtlijnen

De HvA ontwikkelde in de zomer van 2020 drie ontwerprichtlijnen voor een hittebestendige inrichting van de buitenruimte, met concrete grenswaarden. Zoals: 300 meter tot een koele plek, of 40 % schaduw op loopgebieden. In dit onderzoek zijn de richtlijnen in de praktijk onderzocht door metingen, interviews, foto’s en GIS-analyse te combineren. Voor elke van de richtlijnen worden de methode, resultaten en aanbevelingen beschreven, zodat de aanpak eenvoudig opschaalbaar is naar andere gemeenten. Lees wat dit voor jouw gemeente kan betekenen.

‘Meet je stad!’

Om te zien wat de temperaturen zijn in eigen stad, wijk en achtertuin, plaatsten deelnemers van het burgerwetenschapsproject ‘Meet je stad!’ zelf ontworpen meetkastjes met daarin temperatuursensoren. In Amersfoort leidde een samenwerking tussen burgers en professionals tot een completer beeld van het hitteprobleem in de stad en de aanpassingen die nodig zijn. Informatie uit de haarvaten van de stad wordt hiermee toegevoegd aan bestaande kennis. Lees over de temperatuurgegevens in de zomer van 2018, van in totaal 148 meetkastjes verspreid door Amersfoort.

Meetmethodes voor een Cool Town

In het Europese project Cool Towns werken regio’s, gemeenten, bedrijven en universiteiten samen aan het in kaart brengen van ruimtelijke, economische en leefbaarheidsconsequenties van hittestress. Net als het monitoren van klimaatadaptatiemaatregelen en de implementatiekansen in beleid. Op basis van meetervaringen van 2 jaar veldonderzoek in 4 Europese landen is recent het gestandaardiseerde Cool Towns Heat Stress Measurement Protocol ontwikkeld. Middels 3 methodes kunnen beleidsmakers, ontwerpers en adviseurs zelf het ervaren thermische comfort van hun buitenruimtes in kaart brengen voor een gedegen kosten-batenafweging van hittestressmaatregelen. Dit zijn de 3 meetmethodes.

Transitiethema Designing Future Cities

De publicaties vallen onder lectoraat Water in en om de stad van transitiethema Designing Future Cities. Designing Future Cities werkt aan ontwerpoplossingen voor onze steden opdat deze toekomstbestendig zijn. De focus ligt op klimaatbestendigheid, circulaire bouw en leefbaarheid van de stad. Een integrale aanpak staat centraal, om verbinding te maken tussen deze en andere opgaven. Het is één van de vier onderzoeksthema’s van Centre of Expertise Urban Technology.

Jochem Kootstra's picture #Citizens&Living
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

De HvA realiseert energiepositieve wijken door Europa

Featured image

Anderhalf jaar geleden kreeg Amsterdam een Europese subsidie voor het realiseren van een energiepositieve wijk (‘positive energy district’, ofwel PED) in hun stad. De Buiksloterham PED werd geboren. Onder leiding van Centres of Expertise Urban Technology (CoE Urban Tech) en Urban Governance and Social Innovation (CoE UGSI) van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) werken onderzoekers vijf jaar lang aan deze nieuwe buurt, waar het energieverbruik gedekt moet worden door duurzame energie opgewekt in de buurt zelf. Waar staan we nu binnen dit Europese project, genaamd ATELIER, en welke kennis is er al opgedaan voor Europees belang?

Terwijl in Buiksloterham in Amsterdam-Noord de eerste steen is gelegd, zijn HvA-onderzoekers bezig met verschillende activiteiten in het project. De onderzoekers van CoE UGSI werken aan het vormgeven van het concept ‘energy citizenship’ en zullen de toekomstige bewoners van de PED betrekken in het onderzoek. Ook is een start gemaakt met het opzetten van PED Innovatieateliers binnen acht samenwerkende steden, verspreid over Europa. Elke stad richt een lokaal PED Innovatieatelier op voor de wijk. Dit lokale innovatie-ecosysteem tast samen de slimme oplossingen af op de lokale situatie, en het evalueert en ondersteunt de implementatie om het gebruik van PEDs in de stad te versnellen.

Next level samenwerken

Vanuit het perspectief van CoE UGSI, waar ze al veel ervaring hebben met multidisciplinair werken, is ATELIER next level samenwerken, vertelt Marije Poel, onderzoeker bij CoE UGSI. ‘Je ziet dat we echt goed van elkaar moeten begrijpen welke aspecten van een PED met elkaar te maken hebben en waarom: wat hebben bewoners nodig om straks te wonen in een energiepositieve wijk, zijn er technologische innovaties die vragen om nieuwe vaardigheden of kennis en gedrag van bewoners, en zal dit andere duurzamere gewoontes stimuleren? We weten nu na 1,5 jaar nog beter wat we vanuit de meer sociale kant willen en kunnen onderzoeken, en hoe dat ingrijpt op het gehele project. En daarmee ook hoe we het project straks willen evalueren op sociaal maatschappelijke impact.’

CoE Urban Tech richt zich onder andere op de impact-assessment door modellering van het energiesysteem. Zijn de PED-demonstratieprojecten echt energiepositief? Renée Heller, Lector Energie en Innovatie: ‘Wij werken aan de modellering van de Amsterdamse pilot en zijn complexe context. Daarnaast onderzoeken wij mogelijke toekomstige optimalisaties. Met studenten van onze minor Energiepositieve stad hebben we de eerste ideeën verkend over PEDs voor andere delen van Amsterdam-Noord waar geen ‘greenfield’ is (bij greenfield-projecten begin je met een volledig onontwikkeld gebied). De uitdaging is om het concept op te schalen naar zowel ‘brownfield’-situaties (gebieden die al enige ontwikkelingen hebben doorgemaakt) als andere steden.’

Europese samenwerking

Amsterdam werkt nauw samen met de Spaanse stad Bilbao (Lighthouse Cities), waar een vergelijkbare wijk als Buiksloterham wordt gebouwd. De andere betrokken steden (Fellow Cities) zijn Bratislava, Boedapest, Kopenhagen, Krakau, Matosinhos en Riga. Zij gaan later met de opgedane kennis en ervaring aan de slag, omtrent de ontwikkelde innovaties en technieken. Sara Rueda Raya (FME ) organiseert deze samenwerking: ‘De Fellow Cities zetten zich hard in voor het project; elke betrokken stad was aanwezig bij de eerste twee peer2peer-sessies. Het is echter moeilijk om sommige steden actief te laten deelnemen aan discussies en gesprekken. Ik voel enige afstand tussen bepaalde steden, wat te maken kan hebben met de taalbarrière. We moeten daarom verder werken aan community-building.’

Studenten betrokken en trainingen in ontwikkeling

De komende tijd ondersteunen studenten van de Universiteit van Utrecht het ATELIER-team door middel van een student consultancy-project over de PED Innovatieateliers. Daarnaast zijn er ook seminars en trainingen in ontwikkeling die aan de Fellow Cities gegeven zullen worden. Tenslotte is de HvA ook verantwoordelijk voor de evaluatie van de activiteiten en het project als geheel.

ATELIER is met haar inhoudelijke en organisatorische complexiteit en multidisciplinariteit een grote uitdaging, vertelt projectleider Mark van Wees. ‘Zeker omdat we als HvA overal de innovatie opzoeken. Soms denk ik dat we teveel hooi op onze vork nemen, maar meestal ben ik erg tevreden over het enthousiasme van ons HvA-team en de inbreng die we daarmee in het project hebben. De komende periode moeten we het ook echt gaan waarmaken.’

Meer informatie

Bij CoE Urban Tech zijn Renée Heller, Karen Williams, Rick Wolbertus, Viktoria Balla-Kamper, Shakila Dhauntal, en Mark van Wees betrokken. Het CoE UGSI-team bestaat uit Marije Poel, Beatriz Pineda Revilla, Loes Cremers, Stan Majoor, Willem van Winden, en Sara Rueda Raya.

Jochem Kootstra's picture #Energy
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Datacentra-restwarmte voor de buren

Featured image

De eindresultaten van twee jaar onderzoek naar het gebruik van datacentra-restwarmte in een collectief warmte- en koudenet in mixed-use gebied Amstel III.

Een transformatie van bedrijventerrein naar woon-werkgebied met recreatieve functies, Amstel III in Amsterdam Zuidoost is een gebied volop in beweging. En met een extra opgave: de gebouwen moeten voor hun verwarming op den duur volledig van het gas af. De Hogeschool van Amsterdam (HvA) onderzocht binnen project RiRa: Amstel III de technische mogelijkheden voor gebruik van restwarmte van datacentra als duurzaam alternatief. ‘Maar andere factoren zoals samenwerking en economische levensvatbaarheid zijn net zo belangrijk om verduurzaming in transitiegebieden te laten slagen’, aldus projectmanager Felia Boerwinkel. Na ruim twee jaar onderzoek presenteert zij de eindresultaten.

Een terrein dat een metamorfose ondergaat zoals Amstel III lijkt een uitgelezen kans om op gebiedsniveau te verduurzamen en CO2-uitstoot te verlagen. Maar zulke transitiegebieden moeten niet verward worden met nieuwbouw, vertelt Boerwinkel. ‘Bij nieuwbouw begin je als het ware met een schone lei, in een transitiegebied heb je te maken met al bestaande vastgoedeigenaren, huurders, nutsbedrijven en exploitanten van energienetwerken die je moet betrekken bij ontwikkelingen en beslissingen. Verduurzamen is geen lineair technisch proces, maar een complexe knoop van belangen met constant schuivende panelen. Een gebied in transitie vraagt om een aanpak die voortdurend kan en zelfs moet veranderen.’

Dynamisch en duurzaam transformeren

De HvA ging in gesprek met de stakeholders in Amstel III om de behoeften en wensen per stakeholder in kaart te brengen en te kijken waar partijen elkaar kunnen vinden. Met als doel: een methode voor het realiseren van een collectief warmte- en koudenet. De HvA ontwikkelde samen met partners Equinix, Huygen, Greenvis, Villa Ville en Escoplan een gedragen aanpak om restwarmte van de datacentra van Equinix te benutten bij verwarming van gebouwen in Amstel III. Een methode die aardgas als energiebron verleden tijd maakt.

De techniek | Lage temperatuurwarmte van datacentra

Een datacenter kan lage temperatuurwarmte leveren aan een groot aantal gebouwen. Het temperatuurniveau is met rond de 30c een goede brontemperatuur voor een warmtepomp die de warmte heel efficiënt opwaardeert naar 40c. Hiermee kunnen goed geïsoleerde gebouwen van warmte worden voorzien. Voor warm tapwater naar woningen zal de temperatuur nog wat hoger worden gemaakt. In combinatie met warmte- en koudeopslag in de bodem kan daarnaast ook koeling worden geleverd. Dat is nodig en wordt steeds vaker gebruikt in woningen, vanwege de inmiddels veel voorkomende hittegolven door klimaatverandering.

Extra voordeel: het warmtenet koppelt gebouwen aan elkaar, waardoor je de behoeften van het ene gebouw en het andere kan balanceren. Dan is een gebouw niet alleen afnemer van warmte, maar met zijn restproduct ook leverancier van koude. Tevens kan je pieken afvlakken, omdat niet elke gebruiker op hetzelfde moment op de dag tapwater nodig heeft. ‘Dat noemen we een smart grid, en moet je technisch en contractueel heel goed zien te regelen, zegt Renée Heller, lector Energie en innovatie aan de HvA. ‘Denk aan energy management systems, het ICT-systeem dat de energiestromen meet en regelt, zodat alle gebouwen de juiste warmte en koude krijgen.’

De techniek laten slagen in Amstel III vraagt om enige flexibiliteit, vertelt Boerwinkel. ‘Eerst zouden gebouwen gerenoveerd worden, daarna werd toch gekozen voor grootschalige transformatie met sloop-nieuwbouw. Dat veranderde een deel van de focus in het onderzoek, dat zich in eerste aanzet grotendeels op maatregelen voor retrofit zou richten. En niet alleen het gebied blijft zich continu ontwikkelen, hetzelfde geldt voor de belangen van stakeholders en externe randvoorwaarden zoals wet- en regelgeving.’

Toch is een gedragen aanpak mogelijk wanneer je beslissingsprocessen gedurende de gebiedsontwikkeling kan vergemakkelijken voor alle belanghebbenden. Zo heeft het team tools ontworpen die helpen bij de keuze voor technische oplossingen, organisatorische ontwerpkeuzes en passende businessmodellen in het kader van lokale collectieve verduurzaming. Boerwinkel: ‘De tools zijn te gebruiken in vergelijkbare transitiegebieden die collectieve oplossingen met lokale bronnen willen realiseren. De RiRa-aanpak is uiteraard niet één op één vertaalbaar naar andere projecten, maar de tools maken complexe processen wel navigeerbaar.’

Eindpublicatie

De inzichten en aanbevelingen van het project zijn gedeeld in de eindpublicatie RiRa – benutten datacenter restwarmte: casus Amstel III. De projectoutput is gericht aan potentiële initiatiefnemers in een collectief warmtesysteem: gemeenten, vastgoedeigenaren, projectontwikkelaars, netbeheerders, warmteleveranciers, adviseurs en coöperaties. Belangrijk is om met de stakeholders in gesprek te blijven gaan wanneer een gebied in ontwikkeling is, sluit Boerwinkel af. ‘Als iedereen op eigen houtje gaat verduurzamen, gaan we onze klimaatdoelstellingen niet halen; zo benutten we niet alle duurzame bronnen. Collectief kan je veel meer bereiken.’

Eindpublicatie:

RiRa – benutten datacenter restwarmte: casus Amstel III

Tools:

Afwegingskader
Afstemming warmtenet en vastgoed
Organisatie ontwerp bij open warmtenetten

Transitiethema Energy Transition

Project RiRa Amstel III is onderdeel van transitiethema Energy Transition van Centre of Expertise Urban Technology. Van slim laden tot duurzame opwekking van energie, databeheer en het opleiden van de ‘21st century engineer’, onderzoek binnen dit thema betreft het ontwerpen van technische interventies, met oog op organsiatorische, maatschappelijke en economische ontwikkelingen en impact. Het is één van de vier onderzoeksthema’s van Centre of Expertise Urban Technology.

Jochem Kootstra's picture #Energy
Herman van den Bosch, professor in management development , posted

Meet the five stepdaughters of the energy transition

Featured image

Last months, I wrote short essays about controversial aspects of the energy transition: geo-engineering (CCS included), biomass, geothermal energy, hydrogen and nuclear power (in Dutch). With these articles I tried to clarify my thoughts and to share my conclusions with others.  At the end of the fifth article, I arrived at a - provisional - conclusion in 11 short phrases.  I wonder whether you agree....

Herman van den Bosch's picture #Energy
Ananda Binkhorst, projectmedewerker at De Gezonde Stad, posted

How green, healthy & sustainable were we really in 2020?

Featured image

In Amsterdam, a city committed to becoming healthier and more sustainable for its citizens and visitors, we have witnessed a greater sense of togetherness, connectivity and a collective transition towards the sustainable city. This is one of the findings in the latest Monitor report, De Monitor 2020, published by De Gezonde Stad.

In the last year, the global pandemic has challenged our daily routines, our mental and physical well being, our freedom of movement and the ways we interact with our local environment. Every year De Gezonde Stad (The Healthy City) collects the latest facts and figures on Amsterdam’s:

• Green spaces
• Air quality
• Energy use
• Waste production
• Food consumption

These five pillars help its citizens understand how close (or far) we are to a healthy and sustainable Amsterdam. Reflecting on these pillars in the Monitor report, we also learn about the initiatives, achievements and developments blooming across the city, and feel inspired  to take action.

So how green, healthy and sustainable were we really in 2020? What was the influence of Covid on the five pillars and what can we do to help Amsterdam’s transition towards sustainability? Using the findings from De Monitor 2020, this blog posts some highlights. And to make it easy, we'll also add these findings in Dutch.

#Citizens&Living
AMS Institute, Re-inventing the city (urban innovation) at AMS Institute, posted

Energy Lab Zuidoost | Pakhuis de Zwijger recording

Featured image

The City of Amsterdam aims to be a climate-neutral city by 2050 and to generate as much clean energy as possible on its territory. The Zuidoost district of Amsterdam wants to achieve this ambition as early as 2040.

The development of Amsterdam Zuidoost offers opportunities to combine sustainability with social improvement. For example by improving the living comfort of homes or by creating local employment. This ambition calls for innovative solutions to seize the opportunities for a social energy transition.

What does a smart and local energy system look like? How can we best shape this transition together? Who can play a role in this? In this program, we discuss the development of a scalable neighbourhood energy platform in the ArenAPoort area.

In collaboration with Pakhuis de Zwijger we hosted a livecast. We talked to various stakeholders involved in the Energy Lab Zuidoost:

  • Henk van Raan | Amsterdam ArenA
  • Ruben Voerman | Gemeente Amsterdam
  • Huub Hendriks | Alliander
  • Stella Boes | TU Delft
  • Else Veldman | AMS Institute

The livecast was in Dutch, but you can watch the recording with subtitles.

AMS Institute's picture #Energy
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Wat is jouw energielabel?

HvA-studenten Data Science voorspellen voor Vattenfall het energielabel voor gebouwen die dat nog niet hebben, om de energietransitie te versnellen.

Heeft jouw kantoorgebouw energielabel D? Dan is er werk aan de winkel. Om de klimaatdoelen uit het Parijsakkoord te halen en de opwarming van de aarde te beteugelen, moet de gebouwde omgeving versneld verduurzamen en vanaf 2023 minimaal energielabel C scoren. Een vernieuwd energielabel moet daarbij helpen. Maar wat als je dat nog niet hebt? HvA-studenten buigen zich voor partner Vattenfall tijdens een hackathon over de vraag: Kan voor gebouwen zonder energielabel een schatting voor een energielabel worden bepaald aan de hand van beschikbare data?

Hackathon

Na twee uur begaf de dataserver het al. Niet zo gek, er was haast en drukte: binnen een hackathon van een kleine week moesten de studenten van minor Data Science allemaal tegelijk de beschikbaar gestelde data over energieverbruik van Vattenfalls klanten analyseren. Met als doel: een zo accuraat mogelijk voorspelmodel voor de energielabels van gebouwen. Normaal ben je al weken lang bezig met datasets verkennen voordat je over kan gaan op opschonen, categoriseren, analyseren en voorspellen middels machine learning, stelt Rick Wolbertus, docent-onderzoeker Data Science van lectoraat Energie en innovatie. ‘Nu moesten ze dat in enkele dagen doen. Daarin zie je de kracht van een hackathon: binnen een bizar korte tijd krijg je verrassende uitkomsten; een groepje had een 84% accuraatscore in hun voorspelling voor energielabels, dat is echt knap.’

Energielabel bepalen

Van woningen tot fabriekshallen, het energielabel is een middel om de energie-efficiëntie van gebouwen te kwalificeren. Sinds begin dit jaar heeft het energielabel een metamorfose ondergaan, kent het andere kwalificeringseisen en is het bovendien verplicht geworden voor alle gebouwen. Met de nieuwe en vereenvoudigde bepalingsmethode (NTA 8800) wordt de energie-efficiëntie nu uitgedrukt in het energieverbruik per vierkante meter gebouwoppervlakte. Deze indicator is goed te vergelijken met werkelijk energieverbruik en moet beter inzicht geven in de energiezuinigheid van het gebouw. Daar kunnen maatregelen aan gekoppeld worden voor verduurzaming.

De hackathon voor energielabels is het eerste vraagstuk uit de praktijk voor studenten die voortkomt uit de tienjarige samenwerking tussen HvA Centre of Expertise Urban Technology en energieleverancier Vattenfall. De hackathon levert snel een frisse blik op, vertelt Tim Pellenkoft, data scientist bij Vattenfall. ‘De studenten, met verschillende achtergronden in onder andere journalistiek, technische bedrijfskunde en aviation, hebben andere denkbeelden die tot nieuwe inzichten leiden. Zo zagen zij patronen in bouwjaar, waar ik zelf nog niet op was gekomen. Oud bouwjaar? Vrijwel altijd een laag energielabel. Daar tegenover staan nieuwere gebouwen, die met een hoger label vaak beter zijn geïsoleerd.’

Het is aan de studenten om zulke variabelen, die invloed hebben op het energielabel, uit de data te halen. Daarin werden verrassende keuzes gemaakt, zag ook Wolbertus. ‘De data toonden enorme verschillen in verbruik tussen gebouwen van diverse industrieën. Industrieën die gigantische machines in hun gebouw gebruiken, die wil je scheiden van andere type bedrijven. Dus moet je categorieën maken en die in de voorspelling (middels machine learning-modellen) van elkaar scheiden. Zo voorkom je scheve analyses en kun je accurate verbanden leggen. Daar kwamen studenten zelf mee!’

Energielabel

Inzicht in verbeterpotentieel voor gebouwen

De uitkomsten uit de analyses en voorspellingen van de studenten kunnen bijdragen aan een model dat energieleveranciers, gebouwbeheerders, bouw- en installatiebedrijven inzicht geeft in het verbeterpotentieel van het energieverbruik van gebouwen. Want om de klimaatdoelen van het Parijsakkoord te halen, staat de (bestaande) gebouwde omgeving nog voor een aantal uitdagingen: significante energiebesparing, zelf zoveel mogelijk energie opwekken, energie verbruiken op de momenten dat het duurzaam wordt opgewekt en het realiseren van alternatieven voor aardgas als bron van verwarming. Heb je dat op orde? Dan mag je rekenen op een ‘perfecte’ energielabel-score A+++.

Voor veel gebouwen is het nog niet zo ver. Daarom zijn data en voorspelmodellen nuttig, aldus Pellenkoft. ‘Die bieden periodiek inzicht voor onze klanten, zodat zij kunnen sturen om vanaf 2023 het verplichte energielabel C voor kantoorgebouwen te realiseren.’ En de studenten? Vattenfall gaat met vier studenten tien weken lang voortbouwen op de inzichten uit de hackathon, om tot een eindproduct te komen zoals een verbeterd voorspelmodel. Pellenkoft: ‘Zo kunnen zij meer leren over data science-projecten in de praktijk, en stomen we studenten heel gericht klaar voor werk na de studie.’

Meer informatie?

Jochem Kootstra's picture #Energy
Jasmyn Mazloum, Communicatie at Gemeente Almere, posted

Daar krijg je ENERGIE van! (podcast) 🔌♻️

Featured image

Het is één van de punten op de duurzaamheidsagenda van de Gemeente Almere: energie. En maar goed ook, want we gebruiken er heel wat van met elkaar. Hoe komen we er aan en hoe verzamelen we onze energie in de toekomst? Over die vraagstukken hebben verschillende Almeerders zich al gebogen.

Goed nieuws: deze mensen hebben antwoorden gevonden! In deze aflevering gaat presentatrice Nadia Zerouali weer in gesprek met jonge Almeerders die hun mening en dromen met ons delen, spreken we innovatieve ondernemer Luuk Wiehink over zijn app Earn-E én uiteraard weer een expert die gespecialiseerd is in dit onderwerp: Jeike Wallinga, lector aan hogeschool Windesheim. En we kunnen al met je delen dat deze verhalen je een hoop energie meegeven.

Te luisteren via Spotify, Soundcloud of iTunes

Jasmyn Mazloum's picture #Energy
Anonymous posted

Green Deal - mogelijkheid voor gemeenten om energietransitie, CO2 reductie en innovatie te stimuleren.

Featured image

Frans Timmermans, Chef Klimaat van de Europese Commissie, lanceerde op 11 december de Europese Green Deal, het baanbrekende klimaatplan dat van Europa in 2050 het eerste klimaatneutrale continent in de wereld moet maken.

Met de Green Deal gaat Europa een ongekende uitdaging aan, die tegelijk ook nieuwe kansen biedt. Het eerste doel ligt al in 2030. Dan moet de CO2-uitstoot met 55 procent zijn teruggedrongen (versus 1990).

13 procent van het totale elektriciteitsgebruik schrijven we vandaag op het conto van verlichting – in 2006 was dat nog 19%. Met de totale omschakeling naar LED kan dat worden teruggebracht naar maar liefst 8 procent of bijna de helft in 2030. De missie moet dan ook zijn om LED-verlichting tot een algemeen goed en zelfs een verplichting te maken; niet alleen in de Benelux, maar ook zeker in Europa.

Ter illustratie: Als we vandaag zouden overgaan naar een totale ver-LED-ding van Europa, betekent dat over de periode 2006 – het jaar waarin werd opgeroepen om de gloeilamp wereldwijd uit te faseren – tot 2030 een besparing van 198 megaton aan CO2. Dat staat gelijk aan 267 elektriciteitscentrales of pakweg 50.000 (vijftig duizend!) windmolens.* De besparing voor Nederland alleen is 3,5 megaton aan CO2. Dat staat gelijk aan het elektriciteitsgebruik van drie miljoen huishoudens volgens de Nederlandse Licht Associatie en Fedet.**

Met de Green Deal ligt de weg open om de ver-LED-ding in Europa te versnellen. Dat is echt noodzakelijk en haalbaar: bijna 85 procent van alle lichtpunten in de Benelux kan nog vervangen worden door (connected) LED-lampen.

De voordelen voor gemeenten:
- Significante reductie van de CO2 uitstoot
- Energiebesparing
- Data gedreven onderhoud - transparant - veilig
- Veiligheid stad
- Toekomstbestendig - klaar voor digitalisatie
- Te integreren met een Smart City applicatie
- Eenvoudig beheer

Met het gebruik van de Green Deal kunnen gemeentes hen project laten subsideren als deze voldoet aan een aantal voorwaarden. Wij denken hier graag in mee.

Meer info over de Green Deal via de link.

#Energy
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

HvA kroont onderzoek naar slim laden van elektrische auto's

Onderzoek van SEEV4-City staat voor slimme laadtechnologieën voor elektrische voertuigen die hernieuwbare energiebronnen integreren. Daarmee willen de onderzoekers internationale steden inspireren.

Het onderzoek SEEV4-City (Smart, Clean Energy and Electric Vehicles for the City) van de Faculteit Techniek en Centre of Expertise Urban Technology is de grote winnaar van het ‘HvA Onderzoek van het Jaar’ 2021. Het onderzoek naar slimme laadtechnologieën voor elektrische voertuigen won zowel de jury- als de publieksprijs. Juryvoorzitter Geleyn Meijer roemde de onderzoekers om de aandacht die zij in hun onderzoek tonen voor zowel de stad als het onderwijs van de hogeschool.

‘Het winnen van de prijs is een mooie erkenning van actieonderzoek waarin de HvA heeft geholpen om de volgende stap te zetten in de transitie van Amsterdam richting elektrisch rijden, slimmer gebruik van laadinfrastructuur en integratie van groene energie’, vertelt hoofddocent Urban Analytics Pieter Bons en betrokken bij het vijfjarige internationale onderzoek SEEV4-City.

SEEV4-CITY

Elektrische auto’s staan vaak ’s avonds aan de laadpaal. Dit zorgt voor ‘spitsuur’ op het elektriciteitsnet. Tegelijkertijd wordt veel zonne-energie die overdag wordt opgewekt nooit gebruikt. Dit kan anders. Batterijen van elektrische auto’s kunnen worden ingezet voor de opslag van duurzame energie. Een slimme laadpaal zorgt er vervolgens voor dat niet alleen de auto’s, maar ook bedrijven en huishoudens de duurzame energie op een later moment kunnen gebruiken. Resultaat: CO2-reductie, kostenbesparing, toename van energie-autonomie en een stabieler elektriciteitsnet. SEEV4-City onderzocht hoe dit op grotere schaal kan worden toegepast middels zes pilots in vijf Europese steden: Amsterdam (NL, 2x), Kortrijk (BE), Leicester (UK), Loughborough (UK) en Oslo (NO).

FLEXPOWER-PILOT VOOR SLIM LADEN

Hoe werkt dat in de praktijk? Bons: ‘Zelf heb ik aan de Flexpower-pilot  gewerkt in Amsterdam. Hier werd voor 400 publieke laadpalen een tijdsafhankelijke laadsnelheid geïntroduceerd (Smart Charging-technologie). Met een Flexpowerpaal krijg je sneller energie als het rustig is op het energienet (’s nachts) of als er veel aanbod is van lokale groene energie (op een zonnige dag). Tijdens de avonduren (18:00-21:00) is er een piek in de energievraag van huishoudens en werd de laadsnelheid juist verlaagd om de belasting op het elektriciteitsnet te verminderen. Zo zorg je voor een goede spreiding van de energievraag over de dag. Simulatiemodellen gevoed door real-world data maakten het mogelijk om de impact van dit soort nieuwe laadprofielen direct te evalueren. Hier zit toekomst in, binnenkort begint gemeente Amsterdam alweer de kick-off van Flexpower 3!’

SUPERBATTERIJ IN JOHAN CRUIJFF ARENA

De tweede pilot in Amsterdam vond plaats in de Johan Cruijff ArenA . Hier werd met een superbatterij van drie megawatt geëxperimenteerd, die bestaat uit 148 tweedehands accu's afkomstig uit elektrische auto's. Onderzoeker Jos Warmerdam: ‘Slimme Vehicle2Grid (V2G)-technologie gekoppeld aan de batterij regelt, wanneer nodig en na toestemming van de eigenaar, dat de juiste hoeveelheid energie uit geparkeerde auto's aan het stadion wordt geleverd. Dat gebeurt in combinatie met de 7200 vierkante meter zonnepanelen op het dak van de Johan Cruijff ArenA. De duurzame energie dient als extra opslag en back-up voor het stadion, zodat bij stroomstoringen voetbalwedstrijden en popconcerten altijd kunnen doorgaan. De batterij vervangt daarmee twee vervuilende dieselgeneratoren. En door efficiënter energiegebruik zijn de elektriciteitskosten van het stadion lager.’

Het experiment kan een rol gaan spelen op publieke laadpalen, volgens Bons. ‘Een collectief wagenpark van elektrische voertuigen dat een mega batterij vormt voor de stad? Dat zou goed kunnen functioneren als buffer om het complexe systeem van vraag en aanbod, pieken en dalen op het elektriciteitsnet onder controle te houden, van elektrische auto’s tot omliggende huishoudens en bedrijven.'

INTERNATIONALE SAMENWERKING VOOR INSPIRATIE

Vanwege de internationale samenwerking had SEEV4-City vijf jaar lang een educatief en inspirerend karakter. 'Steeds meer steden in Europa werken aan duurzame mobiliteit en de technische mogelijkheden voor slimme laadinfrastructuur', vertelt projectleider Mark van Wees. ‘Kijken we naar de internationale pilots, dan zien we steden met uiteenlopende situaties, niveaus en regelgevingen. Juist door die diversiteit in context kon een breder spectrum aan innovaties worden onderzocht.'

‘Kennis over de pilots werd open tussen de steden gedeeld', vertelt Renée Heller, lector Energie en Innovatie en betrokken bij het onderzoek sinds de opstart. 'Niet alleen over technische innovaties, ook over methodiek, handel op de elektriciteitsmarkt en beleid. Dat werd gedaan door middel van workshops, webinars, publicaties. Bovendien konden we zo een completer pakket informatie doorvoeren in ons onderwijs. We hebben minors, onderwijs- en transitiemodules ontwikkeld, zodat studenten actief mee konden doen middels data-analyses en experimenten met nieuwe businessmodellen.’

'Het is voor onderzoekers inspirerend en motiverend om samen te werken met collega-onderzoekers die met ons de mondiale doelstellingen en persoonlijke ambities delen', stellen Van Wees en Warmerdam. 'We staan nog maar aan het begin van elektrisch vervoer, en daarmee het opladen van elektrische voertuigen in Nederland. Dus de kennis en ervaring die bij deze pilots zijn opgedaan, gaan in de toekomst nog veel toegepast worden!'

INTERNATIONALE PARTNERS VAN SEEV4-CITY

SEEV4-City is een Europees project en een samenwerking tussen de Hogeschool van Amsterdam, de Gemeente Amsterdam, Johan Cruijff ArenA, Katholieke Universiteit Leuven, Avere, Polis, Cenex, stichting Cenex Nederland, Leicester City Council, University of Northumbria University, Amsterdam Energy ArenA en Oslo Kommune. Het project is gefinancierd door het Interreg North Sea Region Programme 2014 - 2020 .

HVA-ONDERZOEKERS VAN SEEV4-CITY

Renée Heller, Mark van Wees, Jos Warmerdam, Pieter Bons, Robert van den Hoed, Aymeric Buatois, Britt Broekhaus, Pieter Lommers, Bronia Jablonska, Hugo Niesing, Ramesh Prateek, Janna Boonstra, Gieta Inderdjiet.

Meer informatie

Website SEEV4-City
Centre of Expertise Urban Technology
Lectoraat Energie en innovatie
Twitter, LinkedIn & Facebook

Jochem Kootstra's picture #Energy
Dave van Loon, Onderzoeker / adviseur stedelijke vraagstukken at Kennisland, posted

Magazine: Aardgasvrij wonen, wat helpt bewoners en wat houdt hen tegen?

Featured image

De ambitie om in 2050 aardgasvrij en energieneutraal te wonen stelt Nederland voor een grote uitdaging. Vanaf 2021 wil de overheid dat 30.000 tot 50.000 bestaande woningen per jaar aardgasvrij gemaakt worden. Een hele uitdaging: onlangs bleek uit een inventarisatie van de Volkskrant dat binnen het programma Aardgasvrije wijken dat nu twee jaar loopt, slechts 206 woningen van het aardgas af zijn.

Het aardgasvrij maken van bestaande bebouwing begint bij mensen, bij bewoners. Wat zet bewoners aan om hun huis wel of niet aardgasvrij te maken? Wat maakt dat mensen willen én kunnen meedoen in de warmtetransitie? Vorig jaar deed Kennisland hier onderzoek naar in opdracht van het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving. Naast Kennisland deden ook drie andere bureaus onderzoek. Uit de verschillende onderzoeken is een aantal overlappende inzichten naar voren gekomen. Omdat we het belangrijk vonden deze inzichten breder te verspreiden, sloegen we de handen ineen om samen een magazine te maken waarin we onze lessen en aanbevelingen op een laagdrempelige manier voor het voetlicht brengen.

De inzichten die wij in dit magazine delen zijn relevant voor professionals en organisaties die aan de energietransitie werken. We geven niet alleen een kijkje in de beweegredenen en het realisatievermogen van bewoners, maar leveren ook concrete handvatten om de communicatie met en participatie van bewoners bij de energietransitie effectiever te maken. Het Magazine is te downloaden via de site van Kennisland.

Dave van Loon's picture #Energy
Julie Chenadec, Head of Communications at SDIA - Sustainable Digital Infrastructure Alliance, posted

Green IT Amsterdam and SDIA join forces to make digital infrastructure even more sustainable

Featured image

AMSTERDAM, 21 JANUARY 2021 - Green IT Amsterdam and Sustainable Digital Infrastructure Alliance are joining forces.

Both organisations have a strong focus on making the digital infrastructure more sustainable. Together they want to initiate or join innovation projects focused on sustainability. Additionally both organisations will work together to make the knowledge and technology they develop commercially available to the market as quickly as possible. For example by creating startups that develop and sell software, cloud services and other tools that can be used by data centres and others to green their digital infrastructure.

Julie Chenadec's picture #Energy
Audrie van Veen, International Strategic Advisor at Amsterdam Economic Board, posted

Inkopen met Impact - hoe start je daarmee?

Featured image

Met elke euro die je als organisatie uitgeeft aan producten en diensten, heb je de keuze voor het duurzamer, eerlijker of innovatiever alternatief. Denk aan circulaire en energiebesparende producten en diensten, maar ook aan verantwoorde inzet van technologie. Daarmee is inkopen een belangrijke driver voor een slimme, groene en gezonde toekomst. Budgetten worden anders ingezet en systemen en gewoontes worden zo doorbroken.
De Amsterdam Economic Board heeft inmiddels een heel Insights dossier gericht op Inkopen met Impact. Daarin vind je achtergrondartikelen, maar ook quickstarts die je op weg helpen bij het verantwoorder inkopen van bijvoorbeeld bedrijfscatering, werkkleding of bouw en onderhoud van je organisatie. Je vindt  al deze quickstarts in het dossier Inkopen met Impact. Je vindt er ook links naar hoe je je kunt aansluiten bij activiteiten van de Board die je helpen met beter inkopen.

Audrie van Veen's picture #CircularCity
Jochem Kootstra, Lecturer at Amsterdam University of Applied Sciences, posted

Tool voor innovatie in de mobiliteitssector

Elektrisch rijden, slim laden, auto’s delen: mobiliteit is radicaal aan het veranderen. Hoe moeten bedrijven in de mobiliteitssector omgaan met die talloze mogelijkheden en de toenemende complexiteit die daarmee gepaard gaat? Onderzoeker René Bohnsack (HvA) ontwikkelde een tool met businessmodel-patronen: een verzameling van bewezen praktische oplossingen en verdienmodellen die gebruikt kan worden om de creativiteit in het innovatieproces te stimuleren.

Elektrisch voertuig

‘Onze missie is om bedrijven in staat te stellen te profiteren van de innovatie van businessmodellen in de context van digitale transformatie, duurzaamheid en internationalisering’, vertelt onderzoeker en projectleider Bohnsack. ‘Daarom ontwikkelden we in 2014 ons onafhankelijke businessmodel-platform Venturely, om bedrijven sturing te geven in innovatieprocessen binnen sterk veranderende markten. Dat doen we online met stapsgewijze begeleiding, praktische sjablonen en tools voor bedrijfsmodellering.’

Tool ingezet voor e-mobiliteit

Venturely heeft zich inmiddels ontwikkeld tot een database met bewezen oplossingen en verdienmodellen binnen uiteenlopende sectoren. ‘Voor de HvA zijn we in 2020 een aparte module gestart binnen de tool omtrent elektrisch vervoer’, vertelt Bohnsack. ‘Bedrijven op het gebied van mobiliteit, zoals aanbieders van laadoplossingen, hebben namelijk te maken met diverse uitdagingen door de huidige energietransitie. Denk aan een nieuwe fysieke en digitale infrastructuur, nieuw beleid én nieuwe businessmodellen.’

‘We hebben bestaande businessmodellen voor elektrisch rijden verzameld en gecategoriseerd in een database, op een manier zodat iedereen ze kan begrijpen en gebruiken voor hun eigen businessmodellen en doeleinden. We bieden de businessmodel-patronen voor elektrische mobiliteit aan in overzichtelijke lijsten met labels, zodat beroepsbeoefenaars uitgerust zijn met een hulpmiddel om businessmodellen voor de toekomst te creëren, uit te breiden en te herzien.’

Een businessmodel beschrijft de waarde die een organisatie biedt aan verschillende klanten. Het geeft daarnaast de capaciteiten en stakeholders weer die nodig zijn voor het creëren, vermarkten en leveren van deze waarde. Met als doel: winstgevende en duurzame inkomstenstromen genereren. Dat is niet makkelijk in een sterk veranderende sector als die van mobiliteit. Driekwart van de startups faalt, mede door het gebrek aan een gezond businessmodel.

Handig in het onderwijs

Bohnsack: ‘De tool helpt je out-of-the box te denken en begeleidt in het nemen van de juiste stappen in het innovatieproces. Daarom is de tool ook bij uitstek geschikt binnen het onderwijs, waar hij al ingezet wordt. Studenten kunnen verschillende scenario’s naast elkaar zetten en deze eenvoudig visualiseren, om te experimenteren met creatieve ideeën. Zij komen zo hopelijk weer met nieuwe innovatieve businessmodellen binnen de mobiliteitssector die werken.’

Tool Venturely
Fictief voorbeeld in tool Venturely voor businessmodellen

Partners Heliox en Over Morgen

Het project gericht op elektrische mobiliteit is een samenwerking met Heliox en Over Morgen, die als klankbord dienden en de data controleerden. Heliox  zet zich in om inspirerende ideeën om te zetten in innovatieve en betrouwbare energieproducten en -diensten. Over Morgen  is een adviesbureau dat werkt aan een duurzame leefwereld met een integrale aanpak op het snijvlak van gebiedsontwikkeling en energietransitie.

Me2 en V2X

Het idee om de tool uit te breiden met een database succesvolle businessmodellen komt uit eerdere onderzoeken omtrent eigen businessmodellen waar Bohnsack bij de HvA aan werkte: Me2 en Vehicle2Grid (V2X). In het project Me2 werden lokale gebruikers van elektrische voertuigen (EV) en eigenaren van lokale slimme meters bijeen gebracht door een nieuw platform: Smart City Aggregator. Doel was het ontwikkelen en verifiëren van een stedelijke marktplaats dat vraagsturing van e-mobiliteit en automatisering van slimme meters bij elkaar brengt, met een innovatief businessmodel.

In het project V2X werd een pilot uitgerold waar de batterij in een EV als buffer gebruikt wordt, en elektriciteit teruglevert aan het net bij piekbelasting. Wanneer een auto de hele nacht bij een laadpaal staat, start de laadsessie op een moment waarop juist weinig vraag is naar elektriciteit, zoals ’s nachts. En op momenten met veel vraag naar (en een tekort aan) duurzame elektriciteit kan de energie uit de batterij weer terug worden gestuurd naar het elektriciteitsnet. Het project testte de gebruikerservaring voor de consument en bijpassende businessmodellen.

Meer informatie

Het project omtrent de Venturely-tool is onderdeel van lectoraat Energie en innovatie. Het lectoraat valt onder het onderzoeksthema Energietransitie van Centre of Expertise Urban Technology, dat gaat over het leveren van een bijdrage aan de lokale duurzame energietransitie met focus op warmtenetten, vergroting zonne-energie, smart grids (met focus op inpassing van elektrische mobiliteit), energieneutrale- en positieve gebouwen/wijken en de ontwikkeling van laadinfrastructuur voor elektrisch vervoer.

Jochem Kootstra's picture #Mobility
Rolinka Kok, Event Manager at Amsterdam Economic Board, posted

Event report: State of the Region AMA

Featured image

The ambition is clear: the Amsterdam Metropolitan Area must become a high-class region. How? ‘Only together'

Rolinka Kok's picture #Citizens&Living
Herman van den Bosch, professor in management development , posted

Want a printed version of my free e-book Cities of the Future?

Featured image

Recently, I published my new e-book: Cities of the Future. Always Humane. Smart if Helpful.
You can download this book for free here:
Dutch version
https://www.dropbox.com/s/ytdadwgdsdw6zke/Looking%20for%20the%20city%20of%20the%20future%20NL.pdf?dl=1
English version
https://www.dropbox.com/s/kfywoszhrn4xi5j/Looking%20for%20the%20city%20of%20the%20future.pdf?dl=1

In case you prefer a compact printed version in Dutch (180 pages), transfer €20,00 to IBAN NL35 INGB 000 167 55 50 on behalf of H. van den Bosch, mention your address and you will receive your copy in a few days

Herman van den Bosch's picture #Citizens&Living
Jeroen Sipman, Liaison of the Province of Noord-Holland at Province of Noord-Holland, posted

Smart Mobility maatregelen kunnen bijdragen aan maatschappelijke opgaven

Featured image

Smart Mobility maatregelen kunnen bijdragen aan onze klimaatdoelen, bereikbare en duurzame steden, een bloeiende economie, een prettige en gezonde leefomgeving en een vitaal landelijk gebied.

Samen met TNO heeft de Provincie Noord-Holland de kansen en uitdagingen op een rijtje gezet. Zo kunnen slimme technieken zorgen voor een betere bereikbaarheid, het terugdringen van de CO2-uitstoot en de ruimte, die steeds schaarser wordt, efficiënter gebruiken.

Jeroen Sipman's picture #Mobility